|
Medicijnen, vitaminen en mineralen |
Bron afbeelding:
Gezondheidsgids Consumentenbond
* Medicijnen, vitaminen en mineralen algemeen
* Een stoma en medicijnen, vitaminen en mineralen
Medicijnen,
vitaminen en mineralen algemeen
Medicijnen kun je het beste bewaren bij
kamertemperatuur
(niet warmer dan 25 °C). Bij voorkeur in een droge ruimte. Er zijn medicijnen
die in de koelkast bewaard moeten worden of in het
donker.
Medicijnen zijn beperkt houdbaar na
aanbreken:
Tablet 2 jaar
Capsule 1 jaar
Poeders 1 jaar
Drank 6 maanden
Druppelvloeistof 6 maanden
Stoomvloeistof 3 maanden
Neusdruppels 3 maanden
Neusspray 3 maanden
Oogdruppels 1 maand
Oogzalf 6 maanden
Oogwassing 1 maand
Oordruppels (niet steriel) 6 maanden
Oordruppels (steriel) 1 maand |
Zalf in tube 1 jaar
Zalf in pot (met spatel) 6 maanden
Crème in tube 1 jaar
Crème in pot (met spatel) 3 maanden
Pasta in pot (met spatel) 6 maanden
Strooipoeder 1 jaar
Huidgel in tube 3 maanden
Vloeistof voor gebruik op de huid 6 maanden
Zetpil in strip 1 jaar
|
Het beste is om je medicijnen in te nemen
met water. Andere soorten als sap, melk, yoghurt etc.
kunnen de opname en werking van het geneesmiddel
beïnvloeden. In melk zit bijvoorbeeld
veel kalk en sommige geneesmiddelen vormen met kalk een
onoplosbare verbinding. Daardoor wordt het geneesmiddel niet in het
bloed opgenomen en kan het zijn werking niet doen. Bekend is inmiddels dat
fruitsappen (sinaasappel-, grapefruit-, citroen- en appelsap)
ervoor zorgen dat bepaalde medicijnen slechts voor de
helft worden opgenomen of juist de werking ervan
verhogen. De stof Naringin is hiervoor
verantwoordelijk.
Kijk hier
voor tips met betrekking tot medicijnen en vakantie.
Lees
hier
meer over probiotica.
Indien je in het ziekenhuis ligt krijg je
medicijnen van hun verstrekt. Zij zijn op dat moment
verantwoordelijk voor je, maar het heeft ook te maken
met de verzekering. Het kan daardoor zijn dat je een
vergelijkbaar medicijn krijgt, maar met een
andere naam.
Ook kunnen ze er anders uitzien dan je gewend bent. Neem
wel een lijst mee naar het ziekenhuis
met welke medicijnen je gebruikt, en houdt tijdens de
opname alles goed in de gaten. Wees niet bang om te vragen wat die
roze of gele pil voor soort medicijn is.
Na een operatie zijn voldoende eiwitten
erg belangrijk, deze helpen nieuw weefsel aan te maken
en zijn een ondersteuning van het afweersysteem. Ook
extra vitaminen als A, C, E, K en B-vitamines, zink,
calcium en ijzer zijn belangrijk voor het herstel na een
operatie. Bespreek dit eventueel met een diëtiste.
Bron afbeelding: ANP
Naar boven
Een stoma en medicijnen, vitaminen
en mineralen
Laat ten eerste altijd aan je arts of apotheker weten dat je een
stoma hebt, indien er een
nieuw medicijn wordt voorgeschreven of als je een
medicijn zonder recept haalt. Met een stoma kunnen
bepaalde dingen net even anders zijn, zoals de
opname of
verkleuring van urine of ontlasting.
Bij mensen die een groot stuk (vooral
dunne) darm missen
kan de opname van bepaalde medicijnen
verstoord zijn.
Sommige medicijnen die oraal worden ingenomen worden
opgenomen in de nuchtere darm. Maar vooral in het
laatste stukje van de dunne darm
(kronkeldarm) worden de meeste
medicijnen opgenomen. Indien
je dit mist kan de opname verstoord zijn. Er spelen ook
andere factoren bij de opname mee, zoals de
snelheid van
de productie van ontlasting, soort medicijn etc. Een
grote pil of een pil met een suikerlaag kan weleens
in zijn geheel weer uit je stoma komen zonder dat er
iets van is opgenomen. Capsules lossen wel gemakkelijk
op, evenals oplosbare medicijnen en
kauwtabletten, die
worden ook goed opgenomen. Ook de anticonceptiepil is
niet 100% betrouwbaar
bij mensen met een stoma, en dan vooral bij mensen met
een ileostoma. Kijk
hier
voor andere mogelijkheden van anticonceptie. Bij
medicijnen die niet goed worden opgenomen kan naar een
alternatief worden gezocht. Soms is het ook een optie om
de pil te vermalen (dit mag overigens niet bij tabletten
met een suikerlaag). Na een aantal maanden kan het zijn
dat de overgebleven darm de functies overneemt en de
opname weer (deels) hersteld wordt.
Bron afbeelding:
Gezondgids Consumentenbond
Bij mensen die het laatste stukje dunne
darm missen kan vooral ook de vitamine B12 opname
ernstig verstoord zijn. Het is belangrijk dit regelmatig
bij je arts te laten testen. Indien je hiervan een
tekort hebt kan dit vervelende klachten geven. Indien
uit je bloed naar voren komt dat het B12 gehalte te
laag
is, zul je injecties krijgen. Je kunt leren deze
zelf te
zetten zodat je dit ook thuis kunt doen. In de loop der
tijd kan de rest van je dunne darm de opname (deels)
overnemen waardoor je minder (of geen) injecties meer
nodig hebt.
Sommige medicijnen en vitaminen kunnen de
ontlasting of urine verkleuren. Bijvoorbeeld door
ijzertabletten (zwarte ontlasting), antibiotica (groene
ontlasting of roodbruine urine) en sommige
antidepressiva (blauwgroene urine).
Indien je nog een stukje endeldarm over
hebt, kunt je een zetpil inbrengen. Dit kan soms ook een
alternatief zijn voor oraal gebruik, zodat het beter kan
worden opgenomen. De medicatie wordt zo via de bloedbaan
opgenomen. Indien je geen anus meer hebt, kun je ook een
zetpil in je stoma inbrengen. Overleg dit met je
arts!
Om te voorkomen dat hij er door de peristaltiek uitglipt
moet je de zetpil liggend inbrengen en 5
à 10 minuten afsluiten met een vinger, tampon of stomaplug.
Zouten (Natrium) en
kalium verlies je
naast vocht extra veel als je diarree hebt, het
heet
weer is of je aan het sporten bent. Daarom is
het belangrijk hier (vooral met een ileo) stoma op te letten.
Het beste is om ongeveer 15
gram zout per dag te gebruiken. De gemiddelde
Nederlander gebruikt 9 gram zout, dus dat betekent dat
je 6 gram zout extra
moet gebruiken per dag. Bij een tekort aan zout kun je de
volgende klachten krijgen: vermoeidheid,
prikkelbaarheid, duizeligheid, slaapproblemen, snel
gewichtsverlies en spierkrampen.
Zout is een natuurproduct. Het wordt gewonnen uit de
bodem en uit de zee (zeezout). De
scheikundige naam van gewoon keukenzout is natriumchloride. In 1
gram zout (1000 mg) zitten 400 mg
natrium en 600 mg chloor. Ook bevat het
antiklontermiddel. Zeezout bevat daarnaast wat
andere mineralen en ook sporenelementen. In de
voedingslijst vind je voorbeelden van zoutrijke
producten. Ook kun je bijvoorbeeld bij de warme
maaltijd wat extra zout
gebruiken. Let er wel op dat je niet alleen
vette dingen pakt als je behoefte hebt aan zout, zoals bijvoorbeeld
kaas en zoute haring. Zoute drop helpt niet, omdat daar geen
keukenzout(natriumchloride) in zit, maar ammoniumchloride. Er bestaan ook
zouttabletten en zoutcapsules die je kunt
gebruiken als het je niet lukt om voldoende zout binnen
te krijgen. Aan mineraalwater zijn ook vaak zouten toegevoegd en er bestaat ook
sportdrank dat extra zouten bevat. Vergeet niet
dat de mensen om je heen zonder stoma geen extra zout nodig hebben.
Samen met vocht en zout (Natrium), verlies je
(vooral met een ileo) stoma
ook veel kalium, 2 essentiële elektrolyten. De hoeveelheid kalium in het lichaam wordt
beïnvloed door de hoeveelheid natrium,
deze twee moeten met elkaar
in evenwicht zijn. Samen spelen ze een rol bij de
vochthuishouding in het lichaam, het doorgeven van
prikkels in het zenuwstelsel en ze
leveren een belangrijke bijdrage aan de regeling van de
bloeddruk. Bij een
tekort aan kalium treden zenuw- en spierfunctie
stoornissen op. Ook kun je last hebben van
vochtophopingen (oedemen), oorsuizingen en
slaapproblemen. Indien je een groot tekort hebt kun je
een kaliumchloride infuus in het ziekenhuis krijgen.
Indien je een klein tekort hebt kun je dit proberen aan
te vullen met je voeding, in de
voedingslijst vind je voorbeelden van
kaliumrijke producten.
Ook bestaan er vitamine preparaten met kalium,
bijvoorbeeld die van Orthica.
Bij langdurige, aanhoudende diarree is het
verstandig om ORS (oral rehydration salt) te gebruiken, om ervoor te zorgen dat het
lichaam zoveel mogelijk vocht, zouten en suikers vasthoudt. Dit zijn zakjes met een zoutoplossing
die je oplost in water, verkrijgbaar bij de apotheek en drogist.
Als je dit niet voor handen hebt, kun je het ook
zelf maken door 8 klontjes
suiker en 1 theelepel keukenzout
op te lossen in 1 liter drinkwater. Ook een diarreeremmer (loperamide)
kan handig zijn.

Indien je een stoma hebt en een
plaspil (diureticum)
gebruikt, verlies je nog sneller zouten en kalium. Een
plaspil bevordert de uitscheiding van water door de
nieren waardoor je een hogere urineproductie hebt. Het
beste kun je dan kaliumbesparende plastabletten
gebruiken, al heb je dan nog steeds snel een tekort van
bovengenoemde.
IJzer kan bij een verwijdering van (een
deel van) de darmen minder goed uit je voeding worden
opgenomen. Dit is ook mogelijk na bloedverlies bij een
operatie of ontstekingen in de darm. Dit kan
leiden tot ijzertekort en
uiteindelijk bloedarmoede (anemie). Een ijzerrijke voeding
kan een tekort voorkomen of
verminderen, maar bij een flink ijzertekort zul
je toch bij je arts moeten zijn. Die
kan je bijvoorbeeld ijzerpreparaten
voorschrijven, of een ijzerinfuus. Bij
een ijzertekort kun je je onder andere moe
voelen, duizelig zijn,
hoofdpijn hebben en bleek
zien. Een volwassen man heeft per dag
9 mg ijzer nodig; voor een
volwassen vrouw is dat 15 mg. De ijzerbehoefte
van vrouwen is hoger door het
ijzerverlies met de menstruatie. Na de
overgang is de behoefte aan ijzer
dagelijks 8 mg. IJzertabletten kunnen verstoppend
werken. Moderne ijzertabletten bevatten
organisch ijzer
zoals bijvoorbeeld ijzergluconaat, welke beter wordt
opgenomen en minder stoelgangproblemen geeft. Bloedarmoede kan naast
ijzertekort, ook ontstaan door tekort aan
vitamine B12. Indien dit zo is kan het ijzergehalte omhoog gaan indien je
extra vitamine B12 slikt of injecteert.
Bron afbeelding:
Pijnstiller.be
Indien je een klysma nodig hebt, kan dit
via de (darm) stoma worden ingespoten. Gebruik hierbij
wel een sleeve zodat het bij snel uitlopen van de
vloeistof en/of ontlasting geen zooitje wordt. Al heb je
(een deel van) de dikke darm niet meer, laxeermiddelen
kun je nog gebruiken.
De griepprik maakt de kans om griep te krijgen veel kleiner. Als
je toch griep krijgt, verloopt de ziekte meestal minder ernstig. Mensen met een
stoma behoren niet
automatisch tot de risicogroep waardoor je recht hebt op
een griepprik. Het gaat om de verlaagde weerstand
in combinatie met een stoma waardoor je wel tot de
doelgroep behoort. Zo behoren mensen die de ziekte van Crohn hebben, colitus ulserosa,
waarbij een groot deel van hun darmen zijn verwijderd en zij die medicijnen gebruiken als prednison wel tot de risicogroep, maar betreft het divertikels of is de kanker verwijderd en ben je schoon, dan behoor je niet tot die groep.
Overleg dit met je arts.
|