English/under construction Nederlands

 

Voeding bij een stoma


 

* Wat zijn de dingen waar je op moet letten?
* Vezels
* Gas- en geurvorming
* Verkleuring van de ontlasting
* Vocht
* Zout (natrium)
* Kalium
* IJzer
* Verstopping (obstructie)
* Diarree
* Handige voedingslijst
* Aankomen in gewicht
* Bijvoeding & sondevoeding
* Probiotica
* De diëtiste

Wat zijn de dingen waar je op moet letten?

Toen Eliene hoorde dat er een stoma bij haar zou worden aangelegd, was ze erg bang dat ze aan een streng dieet zou moeten. Ook dacht ze dat ze dan veel dingen niet meer zou mogen eten. Maar dat bleek absoluut niet het geval te zijn!! Je mag met een stoma eigenlijk alles eten en drinken, alleen moet je overal wat meer op letten. Je moet er zelf achter komen welke producten bij jou verstopping veroorzaken, dunne ontlasting, gas- en/of geurvorming, verkleuring van de ontlasting of urine etc. Iedereen kan weer anders op bepaalde voedingsmiddelen reageren. De één kan een heleboel uien eten zonder dat hij daar gasvorming van krijgt, terwijl de ander al bij een klein stukje ui last van lucht krijgt. Het is daarom belangrijk dat je zelf ontdekt wat je wel en niet goed verdraagt. Houdt er ook rekening mee dat de ene keer het eten beter kan "vallen" dan een andere keer, dus blijf experimenteren.

 

Voorkom in ieder geval eenzijdige voeding. Het beste is om meerdere, kleinere maaltijden over de dag te gebruiken. Zo hebben de darmen beter de gelegenheid om de nuttige stoffen uit het voedsel op te nemen. Belangrijk is ook dat je het eten goed kauwt. Anders kun je, zeker bij een ileostoma, een verstopping krijgen. Dus neem de tijd om rustig te eten en te drinken en zorg voor regelmaat. Belangrijk is ook om genoeg te drinken. Als je dunne ontlasting hebt moet je onthouden: “drink bij het eten en eet bij het drinken”. Schrik er ook niet van als er nog voedingsmiddelen in je ontlasting te herkennen zijn, sommige dingen als bijvoorbeeld champignons of nootjes worden slecht verteerd.

Naar boven

 

Vezels

Voedingsvezels zijn belangrijk voor de werking van de dikke darm. Let er dus bij een colostoma op dat je elke dag voldoende vezels binnenkrijgt. Je hebt oplosbare en niet-oplosbare vezels. De eerste zitten bijvoorbeeld in groente, fruit en bonen. Ze komen onverteerd in de dikke darm terecht waar de darmbacteriën ze bewerken. De stoffen die hierbij vrijkomen, stimuleren de darmwerking maar kunnen ook helpen bij diarree. Ook de niet-oplosbare vezels komen onverteerd in de dikke darm terecht. Zij zorgen ervoor dat de afvalstoffen via de dikke darm uit het lichaam worden verwijderd. Ook kan deze voedingsvezel als een soort spons vocht opnemen en vasthouden, waardoor ze voor een zachtere ontlasting en een groter volume zorgen. Deze vezels zitten vooral in graanproducten. Bij obstipatie spelen zowel de oplosbare vezel als de niet-oplosbare vezel een rol. Volgens de Richtlijnen Goede Voeding van de Gezondheidsraad is de aanbeveling voor vezels 30-40 gram per dag. Het is wel belangrijk om bij de vezels voldoende te drinken. Indien je meer vezels gaat gebruiken, kun je in het begin last krijgen van winderigheid. Kijk hier hoeveel vezels producten bevatten.

Naar boven

 

Gas- en geurvorming

Gasvorming is een normaal gevolg van de spijsvertering en komt bij iedereen voor. Het is dan ook niet helemaal te voorkomen. Het kan wel iets verminderd worden. Het grootste deel van het gas (70%) bestaat uit ingeslikte lucht. Dat komt voornamelijk door snel praten en snel eten. Ook bij kauwgom kauwen, drinken door een rietje, roken, nervositeit en een slecht passend gebit wordt er veel lucht ingeslikt. Hiermee kun je dus rekening houden. Je kunt ook rekening houden met voedingsmiddelen die gasvorming kunnen veroorzaken (zie de voedingslijst verderop).

 

Een lege darm veroorzaakt ook gasvorming. Maaltijden overslaan om gasvorming te voorkomen, heeft dus geen zin. Producten die gasvorming veroorzaken kun je gewoon blijven gebruiken, zeker omdat ze waardevolle voedingsstoffen bevatten. Je kunt er bijvoorbeeld wel rekening mee houden als je uitgaat en dan natuurlijk
geen behoefte hebt aan gasvorming. Een tip is wel dat als je het gas voelt aankomen, om dan je hand op je stoma te leggen. Hierdoor wordt het geluid verminderd. Er zijn kruiden die gasvorming tegen kunnen gaan zoals, dille, koriander, salie, mint, kummel, mierikswortel en venkel. In de voedingslijst op deze pagina vind je
producten die een sterke geur kunnen veroorzaken. Geurvorming is enigszins tegen te gaan door zure melkproducten (zoals karnemelk en yoghurt) tijdens of na de maaltijd te nemen.

Naar boven

 

Verkleuring van de ontlasting

Na het eten van bepaalde voedingsmiddelen kan je ontlasting een andere kleur hebben dan normaal. Dat komt doordat deze voedingsmiddelen een (natuurlijke) kleurstof bevatten die niet door het lichaam wordt afgebroken. Dit is helemaal niet erg, maar je kunt er in het begin wel van schrikken. Extra verkleuring kan
onder andere ontstaan door: ijzertabletten, Roosvicee ferro, bosbessensap en spinazie (een bijna zwarte kleur) en bieten (een rode kleur).

 

Bron afbeelding: Baas op eigen buik

Naar boven

 

Vocht

Vocht is voor iedereen belangrijk, of je nu een stoma hebt of niet. Vocht transporteert voedingsstoffen en afvalstoffen door het lichaam. Ook hebben we vocht nodig om onze lichaamstemperatuur te regelen. Je kunt enige tijd zonder eten, maar niet lang zonder water. Wie niet tijdig voldoende drinkt, droogt snel uit. Honger merken we meestal snel op, maar met dorst is dat wat lastiger. Vaak ontdekken we dat te laat. Want tegen de tijd dat we dorst krijgen, is het vochtgehalte in je lichaam al te laag. Dorst ontstaat pas als ongeveer 2% van het lichaamsgewicht is onttrokken; bij een volwassene komt dat neer op een vochttekort van 1,5 liter. Vrouwen bestaan gemiddeld voor 52% uit water en mannen voor 63%. Dit noem je de zogenaamde vochtbalans. Door voldoende te drinken houd je die vochtbalans op peil. Als de kleur van de urine geel tot donkergeel is, dan heb je te weinig gedronken. Is de urine bijna kleurloos, dan heb je genoeg vocht
gebruikt. Bij een tekort aan vocht kunnen de volgende klachten ontstaan:
lusteloosheid, hoofdpijn, inactiviteit, sufheid, gebrek aan eetlust, een droge,
beslagen tong en verminderde urineproductie.

Onder 'vocht' wordt niet alleen koffie, thee of water verstaan, maar bijvoorbeeld
ook soep, yoghurt of vla. In vast voedsel, groente en fruit zit ook water:. Bij de verbranding van koolhydraten komt namelijk ook water vrij, gemiddeld levert dat ons circa 1 liter per dag op. Hoeveel we er daarnaast bij moeten drinken hangt af van het soort stoma, maar ook van andere factoren. Hoe actiever je bent, des te meer vocht je nodig hebt. Zo kun je bij een uurtje flink actief zijn zeker 1 liter vocht per uur kwijtraken door transpiratie. Wielrenners in de Tour de France drinken soms wel 8 liter op een dag. Ook bij hoge temperaturen, hoge luchtvochtigheid of juist droge lucht moet je meer drinken om de vochtbalans op peil te houden. Bovendien wordt ouderen aangeraden om ook iets meer te drinken. En daarnaast kun je ook vocht kwijtraken door bepaalde voeding, zoals voeding dat veel zouten of eiwitten bevat, of alcohol.

 

Bij een colostoma kan te weinig vocht te harde ontlasting geven, waardoor een grote kans op obstipatie ontstaat. Het beste is gemiddeld 1,5 tot 2 liter per dag te drinken, dat zijn 10 tot 15 glazen. Bij een ileostoma is de opname van vocht verminderd. De ontlasting is dun, waardoor je veel vocht verliest. Daarom is het erg belangrijk om, verdeeld over de dag, ongeveer 2 tot 3 liter vocht te drinken, dat zijn ongeveer 20 glazen. Houd er ook rekening mee dat bij het nuttigen van alcohol je bloedvaten kunnen opzetten, en dus ook je stoma. Dit kan soms klachten geven.

 

Bij een urostoma is de blaas niet meer aanwezig en is er een kortere verbinding tussen de nieren en de buitenwereld, waardoor er een kans opeen urineweginfectie bestaat. Door voldoende te drinken, minimaal 2 liter per dag, wordt de samenstelling van de urine minder geconcentreerd. Sterk geconcentreerde urine (alkalische urine = een te hoge pH (zuurgraad) vormt namelijk een goede voedingsbodem voor bacteriën. Ook beïnvloedt alkalische urine de kleefkracht van de huidplak, die wordt dan sneller aangetast. En in een alkalische omgeving kunnen zich ook zoutkristallen vormen (lees meer over kristalvorming op deze pagina).

Naar boven

 

Zout (natrium)

Zout is een natuurproduct. Het wordt gewonnen uit de bodem en uit de zee (zeezout). De scheikundige naam van gewoon keukenzout is natriumchloride. In 1 gram zout (1000 mg) zitten 400 mg natrium en 600 mg chloor. Ook bevat het antiklontermiddel. Zeezout bevat daarnaast wat andere mineralen en ook sporenelementen.

Bij een ileostoma verlies je, doordat de dikke darm niet meer functioneert, naast vocht ook veel zout. Je verliest ook veel zout als je met een colostoma diarree hebt. Het beste is om ongeveer 15 gram zout per dag te gebruiken. De gemiddelde Nederlander gebruikt 9 gram zout, dus dat betekent dat je 6 gram
zout extra moet gebruiken per dag. Bij een tekort aan zout kun je de volgende klachten krijgen: vermoeidheid, prikkelbaarheid, duizeligheid, slaapproblemen, snel gewichtsverlies en spierkrampen.

 

In de voedingslijst vind je voorbeelden van zoutrijke producten. Ook kun je bijvoorbeeld bij de warme maaltijd wat extra zout gebruiken. Let er wel op dat je niet alleen vette dingen pakt als je behoefte hebt aan zout, zoals bijvoorbeeld kaas en zoute haring. Zoute drop helpt niet, omdat daar geen keukenzout(natriumchloride) in zit, maar ammoniumchloride. Er bestaan ook zouttabletten en zoutcapsules die je kunt gebruiken als het je niet lukt om voldoende zout binnen te krijgen. Aan mineraalwater zijn ook vaak zouten toegevoegd en er bestaat ook sportdrank dat extra zouten bevat. Vergeet niet dat de mensen om je heen zonder stoma geen extra zout nodig hebben.

Naar boven

 

Kalium

Samen met vocht en zout (Natrium), verlies je met een ileostoma of diarree ook veel kalium, 2 essentiële elektrolyten. De hoeveelheid kalium in het lichaam wordt beïnvloed door de hoeveelheid natrium, deze twee moeten met elkaar in evenwicht zijn. Samen spelen ze een rol bij de vochthuishouding in het lichaam, het doorgeven van prikkels in het zenuwstelsel en ze leveren een belangrijke bijdrage aan de regeling van de bloeddruk. Bij een tekort aan kalium treden zenuw- en spierfunctie stoornissen op. Ook kun je last hebben van vochtophopingen (oedemen), oorsuizingen en slaapproblemen. In de voedingslijst vind je voorbeelden van kaliumrijke producten. Indien je een groot tekort hebt kun je een kaliumchloride infuus in het ziekenhuis krijgen.

Naar boven

 

IJzer

Bij darmproblemen kan ijzertekort (en uiteindelijk bloedarmoede) ontstaan doordat de ijzer uit je voeding niet goed meer wordt opgenomen. Dit kan bijvoorbeeld komen door bloedverlies bij een operatie, ontstekingen of als er een stuk darm verwijdert is (en dus minder goede ijzeropname). Een ijzerrijke voeding kan een tekort voorkomen of verminderen, maar bij een flink ijzertekort zul je toch bij je arts moeten zijn. Die kan je bijvoorbeeld ijzerpreparaten voorschrijven, of een ijzerinfuus. Bij een ijzertekort kun je je onder andere moe voelen, duizelig zijn, hoofdpijn hebben en bleek zien. Een volwassen man heeft per dag 9 mg ijzer nodig; voor een volwassen vrouw is dat 15 mg. De ijzerbehoefte van vrouwen is hoger door het ijzerverlies met de menstruatie. Na de overgang is de behoefte aan ijzer dagelijks 8 mg.

IJzerrijke voedingsmiddelen zijn: vlees en vleeswaren, ei, vis, peulvruchten, noten en zaden, volkoren brood en volkoren graanproducten, aardappelen en groenten en (gedroogd) fruit. Daarnaast zijn er nog ijzerverrijkte producten zoals EverGreen, Milkbreak, FruitKick en Roosvicee Ferro. Ook (appel) stroop bevat veel ijzer. Ook wordt aangeraden bij elke maaltijd een product te eten dat veel vitamine C bevat, omdat vitamine C de opname van ijzer, uit plantaardige producten, in de darmen bevordert. Rijk aan Vitamine C zijn groente, vers fruit, aardappelen, vruchtensappen op basis van citrusfruit, en sappen waaraan extra vitamine C is toegevoegd. IJzer uit dierlijke voedingsmiddelen, zoals vlees, vis en kip, wordt beter in het lichaam opgenomen dat ijzer uit plantaardige voedingsmiddelen, zoals brood, groente en peulvruchten.

Naar boven

 

Verstopping (obstructie)

Een verstopping kun je onder andere krijgen als gevolg van een onverteerbare prop die voor de opening van je stoma vastzit (voornamelijk het geval bij een ileostoma). De prop kan ontstaan door het niet goed kauwen van bepaalde voedingsmiddelen. Bij een ileostoma heb je de meeste kans op zo'n verstopping. Bij een erge verstopping kan er soms wel een paar uur geen ontlasting uit de stoma komen. Vaak heb je dan last van erge buikpijn, krampen, een opgezet stoma en kun je ook misselijk zijn. Veel drinken en de buik masseren rond de stoma kan helpen. Ook kun je je stoma spoelen met water, in de hoop dat de prop losschiet.

 

Het is belangrijk om rustig te eten, het voedsel goed fijn te snijden of te schillen, de pitjes van bijvoorbeeld fruit te verwijderen en alles goed te kauwen. Let er ook op dat als je bijvoorbeeld een Bounty eet, je er een glas drinken bij neemt, want het kokos zwelt namelijk op. Een tip die ik kreeg was om bij een verstopping een glas wijn te drinken, dat zou de darm prikkelen zodat die weer aan het werk gaat. Als de verstopping te lang aanhoudt moet je contact opnemen met je (huis) arts of stomaverpleegkundige.

Naar boven

 

Diarree

Diarree is, zeker met een ileostoma, erg lastig. Je verliest extra veel vocht. Vul deze aan anders droog je uit. Dit kun je doen door minimaal 1 liter aan ORS (oral rehydration solution, een oplossing van zouten en (druive)suiker of zetmeel in water) te nemen of dranken die goed in de darm worden opgenomen zoals bouillon, tomatensap e.d. Vul dit aan met water en andere dranken tot 2 à 2,5 liter. Eet lichtverteerbaar voedsel. Denk ook aan je zouten en kaliuminname. Indien je tekenen krijgt van uitdroging (enorme dorst, misselijk, suf, donkere urine, gewichtsverlies etc) waarschuw dan je arts of stomaverpleegkundige! Indien je het niet zelf aan kunt drinken heb je een infuus nodig in het ziekenhuis.

Naar boven

 

Handige voedingslijst

Schrik niet van alle producten die hieronder staan! Met een stoma mag je gewoon alles eten! Je moet alleen wat meer rekening houden met bepaalde producten. Maar wat bij de één een verstopping kan veroorzaken, daar kan een ander totaal geen last van hebben. Datzelfde geldt voor producten die gas veroorzaken, geur
etc. Je moet er dus zelf achterkomen welke producten bij jou wel en niet goed uitvallen. Deze lijst moet je zien als een praktische raadgever.

Print hier de lijst uit!

 


Producten die geurvorming veroorzaken
           Producten  die gasvorming veroorzaken       Producten  die de ontlasting indikken       Producten die de ontlasting verdunnen     
Producten die verstopping kunnen veroorzaken
 
Zoutrijke producten
 
Kaliumrijke producten
asperges  bier  aardappelen  aspartaam/ sorbitol  amandelspijs  brood Avocado

 bier

bonen appelmoes bier ananas chips/ zoutjes aardappelen
bonen  bonbons bananen bladgroente appels ei cacao
broccoli  broccoli beschuit bonen  asperges kaas chips
chocolade  champignons brood broccoli champignons ketjap fruit (bijv bananen)
 eieren Chinese& Indische gerechten crackers chocola  citrusvruchten kip groente (bijv spinazie)
sommige kaassoorten eieren gekookte melk gebakken voedsel erwten (grote) pizza komkommer
 knoflook erwten kaas gekruid eten  druiven Soep/ bouillon melk-
producten
koolsoorten  geklopt eiwit spekkies pruimen  Gedroogde vruchten tomatensap noten
koolzuur-
houdende dranken
knoflook ontbijtkoek rauwe groente  Grove rauwkost vis  (bijv haring) peul-
vruchten
meloen  koffie pasta vers fruit kokos gezouten vlees tomaten (sap/        puree)
 noten en pinda's komkommer pindakaas vruchtensap  koolsoorten Vleeswaren (bijv rookvlees en ham) vruchtensap
peulvruchten koolsoorten  rijst   maïs  Zuivel-
producten
zonnebloem-
pitten
 prei   koolzuur-
houdende dranken
zoutjes    noten en pinda’s    
pruimen kauwgom  yoghurt   patat    
specerijen en scherpe kruiden likeur     peulvruchten    
spruitjes meloen     popcorn    
 thee (bij een urostoma)  nieuwe aardappelen     postelein    
ui noten en pinda's      prei    
 vis onrijp fruit     rabarber    
 vitamine
B-tabletten
paprika      rijst    
   peulvruchten     rozijnen    
  prei       selderij    
  radijsjes     taugé     
  scherpe kruiden      taai en draderig vlees    
   soja
producten
    wortel    
  spruitjes      zaden    
  ui     zuurkool    
   vers brood          

Naar boven

 

Aankomen in gewicht

Bij een stoma en/of ziekte kan het zijn dat je gewicht te laag is. Belangrijk is om veel en gezond te eten. Een hamburgerdieet of overmatig snoepen kunnen hart- en vaatziekten veroorzaken. Eet om de 2 uur en sla geen maaltijden over. Omdat je meer energie nodig hebt, is het verstandig regelmatig iets te eten. Eet geen producten die je zwaar vallen, waardoor je langere tijd vol zit. Eet ook nog iets voordat je naar bed gaat. Kies bij voorkeur voedingsmiddelen die (veel) energie leveren. Bijvoorbeeld volle melk- en melkproducten, volvette kaas, vettere vleeswaren en suikerrijke producten. Je kunt je voeding energierijker maken door het toevoegen van bijvoorbeeld ongeklopte slagroom, crème fraîche of zure room. En door het gebruik van extra boter, margarine (bijvoorbeeld een klontje door de groente smelten), olie of het toevoegen van suiker of limonadesiroop. Producten met 0% vet, light en zoetstoffen in plaats van suiker kun je beter laten staan, ze leveren weinig of geen energie. Drink vruchtensap, melk of sportdrank in plaats van water. Water vult de maag en bevat geen calorieën. Drink niet vlak voor je maaltijd. Neem naast de 3 hoofdmaaltijden tussendoortjes. Heb je tijdens de lunch zin in een kop soep? Neem het erbij, en niet in plaats van je boterhammen. Neem de tijd om te eten, stress heeft ook een negatieve invloed. En zorg als laatste voor voldoende afwisseling in hetgeen je eet en drinkt.

Naar boven

 

Bijvoeding & sondevoeding

Soms kan het nodig zijn om speciale bijvoeding te gebruiken. Bijvoorbeeld als je ziekte teveel calorieën van je vraagt en je daardoor te snel afvalt. Of omdat het eten niet goed gaat door wat voor reden dan ook. In zo'n geval is het belangrijk om samen met een diëtiste te kijken naar wat er verbeterd kan worden in je voedingspatroon. Vaak kan aanvullende drinkvoeding een uitkomst zijn. Dit is ook erg verstandig in de aanloop naar een operatie, want een goede voedingstoestand verbeterd het herstel.

Merk: Nutricia

 

Twee tot drie pakjes per dag, naast de normale voeding, leidt tot verbetering na zes weken tot drie maanden. Als de diëtiste het voorschrijft, wordt het vaak ook bij het ziekenfonds vergoed. Zij kan een zogenaamd smaakpakket voor je aanvragen. Hierin zitten allerlei soorten en smaken. Je hebt drinkvoeding op melkbasis, op yoghurtbasis en op fruitbasis. Maar je hebt ook toetjes en soepen. De ene biedt vooral veel energie, de ander juist meer eiwit. Je kunt aan de hand van zo'n pakket zelf kijken welke je het lekkerst vind en wat het beste bij je valt, waarna je het zelf bij de leverancier kunt bestellen. Voor kinderen bestaat er een speciale variant drinkvoeding. En ten slotte heb je bijvoeding ook in de vorm van een energierijk poeder wat je kunt vermengen met je voeding.

 

 Merk: Nutricia

 

Wanneer je niet kan of mag eten, kan ook weleens sondevoeding nodig zijn. Via een slangetje in de neus loopt er een dunne vloeibare voeding het maag-darmkanaal in. De sondevoeding kan de dagelijkse voeding geheel vervangen, of een aanvulling zijn. Er bestaan verschillende soorten sondevoeding, je arts of diëtiste bepaald welke voeding het meest geschikt voor je is. Zo bevat polymere voeding stoffen die in het darmkanaal afgebroken moeten worden. Monomere voeding (in de volksmond vaak "astronautenvoeding "genoemd) bevat stoffen die al deels verteerd zijn. Deze voeding is voor mensen met malabsorptieklachten. Hierbij is er een verstoring in de vertering, absorptie en het vervoer van voedingsstoffen in het darmkanaal. Indien je veel vocht verliest of grote wonden hebt, zul je eiwitrijke voeding krijgen. Bij botbreuken of veel energieverlies energierijke sondevoeding. En ten slotte bij stoelgangproblemen voeding met extra vezels en weinig vet. Overigens proef je van dat alles niets, dus verschillende smaken hebben bij sondevoeding geen nut!

 

Indien je voor langere tijd of definitief sondevoeding nodig hebt, is een slangetje door je neus natuurlijk niet echt handig. Op zo'n moment kan er een voedingsstoma worden aangelegd waarbij de sondevoeding direct in de maag, twaalfvingerige darm of dunne darm terecht komt. De voeding wordt aangestuurd door een pomp, welke je in een rugzak meeneemt. Ook kan er parenterale voeding worden aangelegd, dit is voeding welke direct in de bloedbaan terecht komt. Kijk hier voor deze technieken.  

 

 Met dank aan Monique

Naar boven

 

Probiotica

Probiotica (van het Griekse pro bios: "ten gunste van het leven") zijn producten die grote hoeveelheden levende micro-organismen, zoals melkzuurbacteriën, bevatten. Deze micro-organismen, zoals bijvoorbeeld lactobacillen en bifidobacteriën, kunnen in het maagzuur overleven en bereiken daardoor levend
de darm. Daar vullen ze de hoeveelheid goede bacteriën aan waardoor de darmflora in balans blijft.  Een in balans zijnde darmflora zorgt voor een goede natuurlijke weerstand en bied bescherming tegen infecties, ziektes en darmproblemen.

 

Lactobacillus

 

De Japanse arts en wetenschapper Dr. Minoru Shirota bedacht in 1921 al dat het ideaal zou zijn om zélf goede bacteriën toe te voegen via onze voeding. In 1930 slaagde hij er uiteindelijk als eerste in om melkzuurbacteriën toe te voegen die het maagzuur overleefden. Deze unieke bacteriestam werd naar hem vernoemd: de Lactobacillus casei Shirota (LcS). Omdat hij de LcS voor iedereen beschikbaar wilde stellen ontwikkelde hij een drankje: Yakult. Dit was één van de eerste probiotica welke op de markt kwam. Hieronder zie je één van de eerste flesjes van Yakult dat op de markt kwam.

 

Je hebt inmiddels al vele verschillende probiotica: o.a. de gefermenteerde melk- en yoghurtproducten Yakult, Vitamel, Activia, Actimel en capsules met probiotica, waaronder o.a. Orthica Orthiflor, Aciforce van Vogel en Acidophilus van Previte. Gewone yoghurt en kwark bevatten ook melkzuurbacteriën, maar omdat deze de ‘zure’ maag niet overleven, behoren ze niet tot de probiotica. De bacteriën uit de probiotica die het maagzuur overleven doen dat helaas niet met verve: slechts 10% overleeft de reis naar de darmen. En aangezien een handjevol bacteriën niets uithaalt, moeten bacteriedrankjes, -poeders of -capsules minimaal 100 miljoen, en liever nog meer dan een miljard, levende bacteriën bevatten om enig effect te hebben.

 

Er zijn al vele onderzoeken gedaan naar de effecten van probiotica en de uitkomsten zijn verschillend. Sommigen zijn zeer positief maar anderen vinden dat er meer onderzoek nodig is. Inmiddels zijn er wel twee gezondheidsclaims van Yakult goedgekeurd volgens de Gedragscode voor de wetenschappelijke onderbouwing van gezondheidsclaims, die wordt beheerd door het Voedingscentrum. Yakult kan de stoelgang verbeteren bij personen die gevoelig zijn voor verstopping. Ook kan Yakult bijdragen aan een evenwichtige darmflora door een toename van het aantal lactobacillen. Wat ook wetenschappelijk is bewezen, is dat het
probioticum VSL-3 het risico op pouchitis (ontsteking van de pouch) vermindert bij mensen met colitis ulcerosa bij wie eerder de dikke darm is verwijderd. Ook is er aangetoond dat het gebruik van probiotica gelijktijdig met antibiotica, de kans op diarree en infecties verkleint. Verder is aangetoond dat probiotica heilzaam kan zijn bij diarree, maar ook bij (chronische) obstipatie. Verschillende wetenschappelijke onderzoekers toonden laatst aan dat bij gezonde mensen probiotica een positief effect heeft op de activiteit van de genen in de darmwand. De levende bacteriën in het goedje zorgen ervoor dat het immuunsysteem in verhoogde staat van paraatheid wordt gebracht, waardoor het afweersysteem wordt geactiveerd.

Iedereen reageert weer anders op probiotica; de één heeft er veel baat bij en de ander krijgt er juist darmklachten van. Het probleem is namelijk dat de werking afhankelijk is van de soorten bacteriën die je sinds je geboorte bij je draagt. Probeer het dus zelf uit en overleg met je arts, baat het niet dan schaadt het niet! Probiotica moeten wel langere tijd worden gebruikt voor ze resultaat hebben. Er zijn speciale probiotica voor zwangere vrouwen, zuigelingen (in poedervorm, wat je kunt oplossen in water of flesvoeding), kleuters tot 6 jaar en kinderen ouder dan 6 jaar.

Naast de probiotica zijn er producten met prebiotica. Deze producten bevatten vezels (meestal koolhydraten) die op een natuurlijke wijze de bacteriewerking in de darmen stimuleren.

Naar boven

 

De diëtiste

Een diëtiste kan je helpen met je voeding en voedselpatroon. Ze houdt rekening met je ziekte, je behandeling of operatie en je individuele wensen en mogelijkheden. Ze bekijkt of je voeding goed is samengesteld en kan je tips geven om het te verbeteren. Bij de meeste ziekenhuizen kom je bij een diëtiste terecht als je een stoma krijgt, maar je kunt zelf ook een afspraak maken. Ze zijn werkzaam in het ziekenhuis, bij de thuiszorg en in een eigen praktijk  

 

 

 

 

Disclaimer                                    - Gemaakt door Suusdesign.nl