* Wat zijn de dingen waar je op moet letten?
* Vezels
* Gas- en geurvorming
* Verkleuring van de ontlasting
* Vocht
* Zout (natrium)
* Kalium
* IJzer
* Verstopping (obstructie) * Diarree
* Handige voedingslijst
* Aankomen in gewicht
* Bijvoeding & sondevoeding
* Probiotica
* De diëtiste
Wat zijn de
dingen waar je op moet letten?
Toen Eliene hoorde dat er een
stoma bij haar zou worden aangelegd, was ze erg bang dat
ze aan een streng dieet
zou moeten. Ook dacht ze dat ze dan veel dingen niet
meer zou mogen eten. Maar dat bleek absoluut
niet het geval te zijn!! Je mag met een stoma eigenlijk alles
eten en drinken, alleen moet je overal wat meer
op letten. Je moet er
zelf achter komen welke producten bij jou
verstopping veroorzaken,
dunne ontlasting, gas- en/of geurvorming,
verkleuring van de ontlasting of urine etc. Iedereen kan weer anders op bepaalde
voedingsmiddelen reageren. De één kan een
heleboel uien eten zonder
dat hij daar gasvorming van
krijgt, terwijl de ander al bij een
klein stukje ui last van
lucht krijgt. Het is daarom belangrijk dat je zelf ontdekt wat je wel en niet goed
verdraagt. Houdt er
ook rekening mee dat de ene keer het eten beter kan
"vallen" dan een andere
keer, dus blijf experimenteren.
Voorkom in ieder geval
eenzijdige voeding. Het beste is om meerdere, kleinere maaltijden over de dag te gebruiken. Zo
hebben de darmen beter de gelegenheid om de
nuttige stoffen uit
het voedsel op te nemen.
Belangrijk is ook dat je het eten goed kauwt.
Anders kun je, zeker bij een ileostoma, een
verstopping krijgen.
Dus neem de tijd om rustig te eten en te drinken en zorg voor
regelmaat.
Belangrijk is ook om genoeg te drinken. Als je
dunne ontlasting hebt moet je onthouden:
“drink bij het eten en eet
bij het drinken”. Schrik er ook niet van als
er nog voedingsmiddelen in je
ontlasting te herkennen zijn, sommige
dingen als bijvoorbeeld champignons of nootjes worden
slecht verteerd.
Naar boven
Vezels
Voedingsvezels zijn
belangrijk voor de werking van de dikke darm.
Let er dus bij een colostoma op dat je
elke dag voldoende vezels binnenkrijgt.
Je hebt oplosbare en
niet-oplosbare vezels. De eerste zitten
bijvoorbeeld in groente, fruit en bonen.
Ze komen onverteerd in de dikke darm
terecht waar de darmbacteriën ze
bewerken. De stoffen die hierbij vrijkomen,
stimuleren de darmwerking maar kunnen ook
helpen bij diarree. Ook de
niet-oplosbare vezels komen onverteerd in de
dikke darm terecht. Zij zorgen ervoor dat de
afvalstoffen via de dikke darm uit het lichaam
worden verwijderd. Ook kan deze voedingsvezel als een
soort spons vocht opnemen en
vasthouden, waardoor ze voor een
zachtere ontlasting en een groter
volume zorgen. Deze vezels zitten vooral in
graanproducten. Bij obstipatie
spelen zowel de oplosbare vezel als de niet-oplosbare
vezel een rol. Volgens de Richtlijnen Goede Voeding van
de Gezondheidsraad is de aanbeveling voor vezels
30-40 gram per dag. Het is wel belangrijk om
bij de vezels voldoende te drinken.
Indien je meer vezels gaat gebruiken, kun je in het
begin last krijgen van winderigheid.
Kijk
hier hoeveel vezels producten bevatten.
Naar boven
Gas- en geurvorming
Gasvorming is een normaal gevolg van de spijsvertering en komt bij
iedereen voor. Het is dan ook niet helemaal te
voorkomen. Het kan wel iets verminderd
worden. Het grootste deel van het gas (70%) bestaat uit
ingeslikte lucht. Dat komt
voornamelijk door snel praten en snel eten. Ook bij
kauwgom kauwen, drinken door een rietje, roken,
nervositeit en een slecht passend gebit wordt er veel
lucht ingeslikt. Hiermee kun je dus rekening houden. Je kunt
ook rekening houden met voedingsmiddelen die
gasvorming kunnen veroorzaken (zie de
voedingslijst verderop).
Een lege darm
veroorzaakt ook gasvorming.
Maaltijden overslaan om gasvorming
te voorkomen, heeft dus geen zin. Producten die
gasvorming veroorzaken kun je gewoon blijven gebruiken,
zeker omdat ze waardevolle
voedingsstoffen
bevatten. Je kunt er bijvoorbeeld wel rekening mee
houden als je uitgaat en dan natuurlijk geen
behoefte hebt aan gasvorming. Een tip is wel dat als je
het gas
voelt aankomen, om dan je hand
op je stoma te leggen. Hierdoor
wordt het geluid verminderd. Er zijn kruiden die
gasvorming tegen kunnen
gaan zoals, dille, koriander, salie, mint, kummel,
mierikswortel en venkel. In de
voedingslijst op deze pagina vind je
producten die een sterke geur
kunnen veroorzaken. Geurvorming is enigszins
tegen te gaan door zure
melkproducten (zoals karnemelk en yoghurt) tijdens of na de maaltijd
te nemen.
Naar boven
Verkleuring van
de ontlasting
Na het eten van bepaalde voedingsmiddelen
kan je ontlasting een andere kleur hebben dan normaal. Dat komt doordat
deze voedingsmiddelen een
(natuurlijke) kleurstof
bevatten die niet door het lichaam wordt
afgebroken. Dit is
helemaal niet erg, maar je kunt er in het begin wel
van schrikken. Extra
verkleuring
kan onder andere ontstaan door:
ijzertabletten, Roosvicee ferro, bosbessensap en
spinazie (een bijna zwarte kleur) en bieten (een rode
kleur).
Bron afbeelding:
Baas op eigen buik
Naar boven
Vocht
Vocht is voor iedereen belangrijk, of je nu een
stoma hebt of niet. Vocht transporteert
voedingsstoffen en afvalstoffen door het lichaam. Ook
hebben we vocht nodig om onze lichaamstemperatuur
te regelen. Je kunt enige tijd zonder eten, maar niet
lang zonder water. Wie niet tijdig voldoende drinkt, droogt snel uit. Honger merken we meestal snel op, maar met
dorst is dat wat lastiger. Vaak ontdekken we dat te
laat. Want tegen de tijd dat we dorst
krijgen, is het vochtgehalte in je lichaam
al te laag. Dorst ontstaat pas als ongeveer
2% van het lichaamsgewicht is
onttrokken; bij een volwassene komt dat neer op een
vochttekort van 1,5 liter.
Vrouwen bestaan gemiddeld voor
52% uit water en mannen voor
63%. Dit noem je de zogenaamde
vochtbalans. Door voldoende te drinken houd je
die vochtbalans op peil. Als de kleur van de urine geel tot donkergeel is, dan heb
je te weinig gedronken. Is de urine bijna
kleurloos, dan heb je genoeg vocht gebruikt. Bij een
tekort aan vocht kunnen de
volgende klachten ontstaan:
lusteloosheid, hoofdpijn, inactiviteit, sufheid, gebrek aan
eetlust, een droge, beslagen tong en verminderde
urineproductie.

Onder 'vocht' wordt niet alleen koffie, thee of water
verstaan, maar bijvoorbeeld ook soep, yoghurt of
vla. In vast voedsel, groente en fruit zit ook water:.
Bij de verbranding van koolhydraten
komt namelijk ook water vrij, gemiddeld levert dat ons circa
1 liter per dag op. Hoeveel we er daarnaast bij
moeten drinken hangt af van het
soort stoma, maar ook van andere factoren. Hoe
actiever je bent, des te meer vocht je nodig hebt. Zo kun je bij een
uurtje flink actief zijn zeker 1 liter vocht per uur kwijtraken door
transpiratie. Wielrenners in de Tour de
France drinken soms wel 8 liter
op een dag. Ook bij hoge temperaturen,
hoge luchtvochtigheid of juist
droge lucht moet je meer drinken om de
vochtbalans op peil te houden. Bovendien wordt
ouderen aangeraden om ook iets meer te drinken.
En daarnaast kun je ook vocht kwijtraken door
bepaalde voeding, zoals voeding dat veel zouten
of eiwitten bevat, of alcohol.
Bij een colostoma kan te weinig vocht te
harde ontlasting geven, waardoor een grote kans op
obstipatie ontstaat. Het beste is gemiddeld
1,5 tot 2 liter per dag te drinken, dat zijn 10 tot 15 glazen. Bij een
ileostoma is de opname van vocht
verminderd. De ontlasting is dun, waardoor je veel
vocht verliest. Daarom is het erg belangrijk om,
verdeeld over de dag, ongeveer 2
tot 3 liter vocht te drinken, dat zijn
ongeveer 20 glazen. Houd er ook rekening mee dat bij het
nuttigen van alcohol je
bloedvaten kunnen opzetten, en dus ook je
stoma. Dit kan soms klachten geven.
Bij een urostoma is
de blaas niet meer aanwezig en is er een kortere
verbinding tussen de nieren en de buitenwereld, waardoor
er een kans opeen urineweginfectie bestaat.
Door voldoende te drinken, minimaal 2 liter per dag, wordt de samenstelling van de
urine minder geconcentreerd.
Sterk geconcentreerde urine (alkalische urine = een te
hoge pH (zuurgraad) vormt namelijk een goede voedingsbodem voor
bacteriën. Ook beïnvloedt alkalische urine de kleefkracht
van de huidplak, die wordt dan sneller aangetast.
En in een alkalische omgeving kunnen zich ook
zoutkristallen vormen (lees meer over kristalvorming op
deze pagina).
Naar boven
Zout (natrium)
Zout is een natuurproduct. Het wordt gewonnen uit de
bodem en uit de zee (zeezout). De
scheikundige naam van gewoon keukenzout is natriumchloride. In 1
gram zout (1000 mg) zitten 400 mg
natrium en 600 mg chloor. Ook bevat het
antiklontermiddel. Zeezout bevat daarnaast wat
andere mineralen en ook sporenelementen.

Bij een ileostoma
verlies je, doordat de dikke darm
niet meer functioneert, naast vocht ook veel zout.
Je verliest ook veel zout als je met een colostoma
diarree hebt. Het beste is om ongeveer 15
gram zout per dag te gebruiken. De gemiddelde
Nederlander gebruikt 9 gram zout, dus dat betekent dat
je 6 gram zout extra
moet gebruiken per dag. Bij een tekort aan zout kun je de
volgende klachten krijgen: vermoeidheid,
prikkelbaarheid, duizeligheid, slaapproblemen, snel
gewichtsverlies en spierkrampen.
In de
voedingslijst vind je voorbeelden van zoutrijke
producten. Ook kun je bijvoorbeeld bij de warme
maaltijd wat extra zout
gebruiken. Let er wel op dat je niet alleen
vette dingen pakt als je behoefte hebt aan zout, zoals bijvoorbeeld
kaas en zoute haring. Zoute drop helpt niet, omdat daar geen
keukenzout(natriumchloride) in zit, maar ammoniumchloride. Er bestaan ook
zouttabletten en zoutcapsules die je kunt
gebruiken als het je niet lukt om voldoende zout binnen
te krijgen. Aan mineraalwater zijn ook vaak zouten toegevoegd en er bestaat ook
sportdrank dat extra zouten bevat. Vergeet niet
dat de mensen om je heen zonder stoma geen extra zout nodig hebben.
Naar boven
Kalium
Samen met vocht en zout (Natrium), verlies je met een
ileostoma of diarree
ook veel kalium, 2 essentiële elektrolyten. De hoeveelheid kalium in het lichaam wordt
beïnvloed door de hoeveelheid natrium,
deze twee moeten met elkaar
in evenwicht zijn. Samen spelen ze een rol bij de
vochthuishouding in het lichaam, het doorgeven van
prikkels in het zenuwstelsel en ze
leveren een belangrijke bijdrage aan de regeling van de
bloeddruk. Bij een
tekort aan kalium treden zenuw- en spierfunctie
stoornissen op. Ook kun je last hebben van
vochtophopingen (oedemen), oorsuizingen en
slaapproblemen. In de
voedingslijst vind je voorbeelden van
kaliumrijke producten.
Indien je een groot tekort hebt kun je
een kaliumchloride infuus in het
ziekenhuis krijgen.

Naar boven
IJzer
Bij darmproblemen kan ijzertekort (en
uiteindelijk bloedarmoede) ontstaan
doordat de ijzer uit je voeding niet goed meer wordt
opgenomen. Dit kan bijvoorbeeld komen
door bloedverlies bij een operatie,
ontstekingen of als er een stuk darm
verwijdert is (en dus minder goede
ijzeropname). Een ijzerrijke voeding
kan een tekort voorkomen of
verminderen, maar bij een flink ijzertekort zul
je toch bij je arts moeten zijn. Die
kan je bijvoorbeeld ijzerpreparaten
voorschrijven, of een ijzerinfuus. Bij
een ijzertekort kun je je onder andere moe
voelen, duizelig zijn,
hoofdpijn hebben en bleek
zien. Een volwassen man heeft per dag
9 mg ijzer nodig; voor een
volwassen vrouw is dat 15 mg. De ijzerbehoefte
van vrouwen is hoger door het
ijzerverlies met de menstruatie. Na de
overgang is de behoefte aan ijzer
dagelijks 8 mg.

IJzerrijke voedingsmiddelen zijn: vlees
en vleeswaren, ei, vis, peulvruchten,
noten en zaden, volkoren brood en volkoren graanproducten,
aardappelen en groenten en
(gedroogd) fruit. Daarnaast zijn er nog
ijzerverrijkte producten zoals
EverGreen, Milkbreak, FruitKick en Roosvicee Ferro. Ook
(appel) stroop bevat veel ijzer. Ook wordt aangeraden
bij elke maaltijd een product te eten dat veel
vitamine C bevat, omdat vitamine C de
opname van ijzer, uit plantaardige producten,
in de darmen bevordert. Rijk aan Vitamine C zijn
groente, vers fruit, aardappelen, vruchtensappen op
basis van citrusfruit, en sappen waaraan extra vitamine
C is toegevoegd. IJzer uit dierlijke
voedingsmiddelen, zoals vlees, vis en kip,
wordt beter in het lichaam opgenomen
dat ijzer uit plantaardige voedingsmiddelen,
zoals brood, groente en peulvruchten.
Naar boven
Verstopping (obstructie)
Een verstopping kun je onder andere krijgen als gevolg van een
onverteerbare prop die voor de opening van je
stoma vastzit (voornamelijk het geval bij een
ileostoma). De prop kan ontstaan door het niet goed kauwen van
bepaalde voedingsmiddelen. Bij een ileostoma heb je de meeste kans op zo'n
verstopping. Bij een erge verstopping kan er soms wel
een paar uur geen ontlasting
uit de stoma komen. Vaak heb je dan last van erge
buikpijn, krampen, een opgezet stoma en kun je ook
misselijk zijn. Veel drinken en de buik masseren
rond de stoma kan helpen. Ook kun je je stoma
spoelen met water, in
de hoop dat de prop losschiet.
Het is belangrijk om
rustig te eten, het voedsel goed
fijn te snijden of te schillen,
de pitjes van bijvoorbeeld fruit te verwijderen en alles
goed te kauwen. Let er ook op dat als je bijvoorbeeld een
Bounty eet, je er een glas drinken
bij neemt, want het kokos zwelt namelijk op. Een tip die ik kreeg was om bij een verstopping
een glas wijn te drinken, dat zou de darm
prikkelen zodat die weer aan het werk gaat. Als de verstopping
te lang aanhoudt moet je contact opnemen met je
(huis) arts of stomaverpleegkundige.
Naar boven
Diarree
Diarree is, zeker met een ileostoma, erg lastig. Je
verliest extra veel vocht. Vul deze aan anders droog je
uit. Dit kun je doen door minimaal 1 liter aan
ORS (oral rehydration solution, een oplossing van zouten en (druive)suiker of zetmeel in water) te
nemen of dranken die goed in de darm worden opgenomen zoals
bouillon, tomatensap e.d. Vul dit aan met water en
andere dranken tot 2 à 2,5 liter. Eet
lichtverteerbaar
voedsel. Denk ook aan je zouten en kaliuminname. Indien
je tekenen krijgt van uitdroging (enorme dorst,
misselijk, suf, donkere urine, gewichtsverlies etc)
waarschuw dan je arts of stomaverpleegkundige!
Indien je het niet zelf aan kunt drinken heb je een
infuus nodig in het ziekenhuis.
Naar boven
Handige voedingslijst
Schrik niet
van alle producten die hieronder staan! Met een stoma mag je
gewoon alles eten!
Je moet alleen wat meer rekening houden
met bepaalde producten. Maar wat bij de één een
verstopping kan veroorzaken, daar kan een ander
totaal geen last van hebben. Datzelfde geldt
voor producten die gas veroorzaken,
geur etc. Je
moet er dus zelf achterkomen
welke producten bij jou wel en niet goed uitvallen.
Deze lijst moet je zien als een praktische raadgever.
Print
hier de lijst uit!
Producten die geurvorming veroorzaken |
Producten die gasvorming veroorzaken |
Producten die de ontlasting indikken |
Producten die de ontlasting verdunnen |
Producten die verstopping kunnen
veroorzaken |
Zoutrijke producten |
Kaliumrijke producten |
|
asperges |
bier |
aardappelen |
aspartaam/ sorbitol |
amandelspijs |
brood |
Avocado |
|
bier |
bonen |
appelmoes |
bier |
ananas |
chips/ zoutjes |
aardappelen |
|
bonen |
bonbons |
bananen |
bladgroente |
appels |
ei |
cacao |
|
broccoli |
broccoli |
beschuit |
bonen |
asperges |
kaas |
chips |
|
chocolade |
champignons |
brood |
broccoli |
champignons |
ketjap |
fruit (bijv bananen) |
|
eieren |
Chinese& Indische gerechten |
crackers |
chocola |
citrusvruchten |
kip |
groente (bijv spinazie) |
|
sommige kaassoorten |
eieren |
gekookte melk |
gebakken voedsel |
erwten (grote) |
pizza |
komkommer |
|
knoflook |
erwten |
kaas |
gekruid eten |
druiven |
Soep/ bouillon |
melk- producten |
|
koolsoorten |
geklopt eiwit |
spekkies |
pruimen |
Gedroogde vruchten |
tomatensap |
noten |
koolzuur- houdende dranken |
knoflook |
ontbijtkoek |
rauwe groente |
Grove rauwkost |
vis (bijv haring) |
peul- vruchten |
|
meloen |
koffie |
pasta |
vers fruit |
kokos |
gezouten vlees |
tomaten (sap/
puree) |
|
noten en pinda's |
komkommer |
pindakaas |
vruchtensap |
koolsoorten |
Vleeswaren (bijv rookvlees en ham) |
vruchtensap |
|
peulvruchten |
koolsoorten |
rijst |
|
maïs |
Zuivel- producten |
zonnebloem- pitten |
|
prei |
koolzuur- houdende dranken |
zoutjes |
|
noten en pinda’s |
|
|
|
pruimen |
kauwgom |
yoghurt |
|
patat |
|
|
|
specerijen en scherpe kruiden |
likeur |
|
|
peulvruchten |
|
|
|
spruitjes |
meloen |
|
|
popcorn |
|
|
|
thee (bij een urostoma) |
nieuwe aardappelen |
|
|
postelein |
|
|
|
ui |
noten en pinda's |
|
|
prei |
|
|
|
vis |
onrijp fruit |
|
|
rabarber |
|
|
vitamine B-tabletten |
paprika |
|
|
rijst |
|
|
|
|
peulvruchten |
|
|
rozijnen |
|
|
|
|
prei |
|
|
selderij |
|
|
|
|
radijsjes |
|
|
taugé |
|
|
|
|
scherpe kruiden |
|
|
taai en draderig vlees |
|
|
|
|
soja producten |
|
|
wortel |
|
|
|
|
spruitjes |
|
|
zaden |
|
|
|
|
ui |
|
|
zuurkool |
|
|
|
|
vers brood |
|
|
|
|
|
Naar boven
Aankomen in gewicht
Bij een stoma en/of ziekte kan het zijn dat je gewicht te laag
is. Belangrijk is om veel en gezond
te eten. Een hamburgerdieet of overmatig snoepen
kunnen hart- en vaatziekten
veroorzaken. Eet om de 2 uur en sla
geen maaltijden over. Omdat je meer energie nodig
hebt, is het verstandig regelmatig
iets te eten. Eet geen producten die je
zwaar vallen, waardoor je langere tijd vol
zit. Eet ook nog iets voordat je naar bed
gaat. Kies bij voorkeur voedingsmiddelen die (veel)
energie leveren. Bijvoorbeeld volle
melk- en melkproducten, volvette kaas, vettere
vleeswaren en suikerrijke producten. Je kunt je
voeding energierijker maken door
het toevoegen van bijvoorbeeld
ongeklopte slagroom, crème fraîche of zure room. En
door het gebruik van extra boter, margarine
(bijvoorbeeld een klontje door de groente smelten),
olie of het toevoegen van suiker of limonadesiroop.
Producten met 0% vet, light en zoetstoffen in plaats
van suiker kun je beter laten staan,
ze leveren weinig of geen energie.
Drink vruchtensap, melk of sportdrank in
plaats van water. Water vult
de maag en bevat geen calorieën.
Drink niet vlak voor je maaltijd.
Neem naast de 3 hoofdmaaltijden
tussendoortjes. Heb je tijdens de lunch zin
in een kop soep? Neem het erbij, en
niet in plaats van je boterhammen. Neem de
tijd om te eten, stress
heeft ook een negatieve invloed. En zorg als laatste
voor voldoende afwisseling in
hetgeen je eet en drinkt.
Naar boven
Bijvoeding & sondevoeding
Soms kan het nodig zijn om speciale bijvoeding
te gebruiken. Bijvoorbeeld als je ziekte teveel calorieën van je vraagt en
je daardoor te snel afvalt. Of omdat het eten niet goed
gaat door wat voor reden dan ook. In zo'n geval is het
belangrijk om samen met een diëtiste te kijken naar wat er verbeterd kan
worden in je voedingspatroon.
Vaak kan aanvullende drinkvoeding
een uitkomst zijn. Dit is ook erg verstandig in de
aanloop naar een operatie,
want een goede voedingstoestand
verbeterd het herstel.

Merk:
Nutricia
Twee tot drie pakjes per dag, naast de normale voeding, leidt tot verbetering na zes weken tot drie maanden.
Als de diëtiste het voorschrijft, wordt het vaak ook bij
het ziekenfonds vergoed. Zij
kan een zogenaamd smaakpakket
voor je aanvragen. Hierin zitten allerlei soorten en
smaken. Je hebt drinkvoeding op melkbasis, op
yoghurtbasis en op fruitbasis. Maar je hebt ook toetjes
en soepen. De ene biedt vooral veel energie, de ander juist
meer eiwit. Je kunt aan de
hand van zo'n pakket zelf kijken welke je het lekkerst
vind en wat het beste
bij je valt, waarna je het zelf bij de
leverancier kunt bestellen. Voor kinderen
bestaat er een speciale variant drinkvoeding. En ten
slotte heb je bijvoeding ook in de vorm van een
energierijk poeder wat je kunt
vermengen met je voeding.
Merk:
Nutricia
Wanneer je niet kan of mag eten, kan ook weleens sondevoeding nodig zijn. Via een
slangetje in de neus loopt er een
dunne vloeibare voeding het
maag-darmkanaal in. De sondevoeding kan de dagelijkse voeding geheel vervangen, of een aanvulling zijn.
Er bestaan verschillende soorten sondevoeding,
je arts of diëtiste bepaald welke voeding het meest
geschikt voor je is. Zo bevat polymere
voeding stoffen die in het darmkanaal afgebroken moeten
worden. Monomere voeding (in de
volksmond vaak "astronautenvoeding "genoemd)
bevat stoffen die al deels verteerd zijn. Deze voeding
is voor mensen met malabsorptieklachten.
Hierbij is er een verstoring in de vertering, absorptie
en het vervoer van voedingsstoffen in het darmkanaal.
Indien je veel vocht verliest of grote wonden hebt, zul
je eiwitrijke voeding krijgen. Bij
botbreuken of veel energieverlies energierijke
sondevoeding. En ten slotte bij stoelgangproblemen
voeding met extra vezels en weinig vet.
Overigens proef je van dat alles niets, dus
verschillende smaken hebben bij sondevoeding
geen nut!
Indien je voor langere tijd of definitief sondevoeding nodig hebt, is een slangetje door je
neus natuurlijk niet echt handig. Op zo'n moment kan
er een voedingsstoma worden aangelegd waarbij de
sondevoeding direct in de maag, twaalfvingerige darm
of dunne darm terecht komt. De voeding wordt
aangestuurd door een pomp, welke je in een
rugzak
meeneemt. Ook kan er parenterale
voeding worden aangelegd, dit is voeding welke
direct in de bloedbaan terecht komt. Kijk
hier
voor deze technieken.
Met dank aan Monique
Naar boven
Probiotica
Probiotica
(van het Griekse pro bios: "ten gunste van het leven")
zijn producten die grote hoeveelheden levende micro-organismen,
zoals melkzuurbacteriën, bevatten. Deze
micro-organismen, zoals bijvoorbeeld lactobacillen en bifidobacteriën, kunnen in het
maagzuur
overleven en bereiken daardoor levend de darm. Daar vullen ze de hoeveelheid
goede bacteriën aan
waardoor de darmflora in balans
blijft. Een in balans zijnde darmflora zorgt voor een
goede natuurlijke weerstand en
bied bescherming tegen
infecties, ziektes en darmproblemen.
De Japanse arts en
wetenschapper Dr. Minoru Shirota bedacht
in 1921 al dat het
ideaal zou zijn om zélf goede bacteriën toe te
voegen via onze voeding. In 1930 slaagde hij er uiteindelijk als eerste in om
melkzuurbacteriën toe te
voegen die het maagzuur
overleefden. Deze unieke bacteriestam werd naar hem
vernoemd: de Lactobacillus casei Shirota (LcS). Omdat hij de LcS voor
iedereen beschikbaar wilde stellen ontwikkelde
hij een drankje: Yakult.
Dit was één van de eerste probiotica welke op de markt kwam.
Hieronder zie je één van de
eerste flesjes van Yakult dat op de markt kwam.
Je hebt inmiddels al
vele verschillende probiotica:
o.a. de gefermenteerde melk- en yoghurtproducten
Yakult, Vitamel, Activia, Actimel en capsules met probiotica, waaronder o.a. Orthica
Orthiflor, Aciforce van Vogel en Acidophilus van
Previte. Gewone yoghurt en kwark
bevatten ook melkzuurbacteriën, maar omdat deze de
‘zure’ maag niet overleven, behoren ze niet tot de
probiotica. De bacteriën
uit de probiotica die het maagzuur
overleven doen dat helaas niet met verve: slechts
10% overleeft de reis naar de darmen.
En aangezien een handjevol bacteriën niets
uithaalt, moeten bacteriedrankjes, -poeders of -capsules
minimaal 100 miljoen, en liever nog
meer dan een miljard, levende bacteriën
bevatten om enig effect te hebben.
Er zijn al vele onderzoeken gedaan
naar de effecten van probiotica en de uitkomsten
zijn verschillend. Sommigen
zijn zeer positief maar anderen
vinden dat er meer onderzoek nodig is. Inmiddels zijn er
wel twee gezondheidsclaims
van Yakult goedgekeurd
volgens de Gedragscode voor de wetenschappelijke
onderbouwing van gezondheidsclaims, die wordt beheerd
door het Voedingscentrum. Yakult kan de stoelgang
verbeteren bij personen die gevoelig zijn voor verstopping. Ook kan Yakult
bijdragen aan een evenwichtige darmflora door een toename van
het aantal lactobacillen.
Wat ook wetenschappelijk is bewezen, is dat het probioticum
VSL-3 het risico op pouchitis (ontsteking van
de pouch) vermindert bij mensen met colitis ulcerosa bij
wie eerder de dikke darm is verwijderd. Ook is er
aangetoond dat het gebruik van probiotica gelijktijdig
met antibiotica, de kans op diarree en
infecties verkleint. Verder is aangetoond dat
probiotica heilzaam kan zijn bij diarree, maar
ook bij (chronische) obstipatie. Verschillende
wetenschappelijke onderzoekers toonden laatst aan dat
bij gezonde mensen probiotica een positief
effect heeft op de activiteit van de
genen in de darmwand. De levende bacteriën in
het goedje zorgen ervoor dat het immuunsysteem
in verhoogde staat van paraatheid wordt gebracht,
waardoor het afweersysteem wordt
geactiveerd.
Iedereen reageert
weer anders op probiotica; de één heeft er veel
baat bij en de ander krijgt er juist darmklachten van.
Het probleem is namelijk dat de werking afhankelijk is
van de soorten bacteriën die je sinds je
geboorte bij je draagt. Probeer het dus zelf uit en overleg met je arts, baat het niet dan schaadt het niet!
Probiotica moeten wel langere tijd
worden gebruikt voor ze resultaat hebben. Er zijn
speciale probiotica voor zwangere
vrouwen, zuigelingen (in poedervorm, wat je kunt
oplossen in water of flesvoeding), kleuters tot 6 jaar
en kinderen ouder dan 6 jaar.
Naast de probiotica zijn er producten met
prebiotica. Deze producten bevatten
vezels (meestal koolhydraten) die op een
natuurlijke wijze de bacteriewerking in de darmen
stimuleren.
Naar boven
De diëtiste
Een diëtiste kan
je helpen met je voeding en voedselpatroon.
Ze houdt rekening met je ziekte, je
behandeling of operatie en je
individuele wensen en mogelijkheden. Ze bekijkt
of je voeding goed is samengesteld en kan je
tips geven om het te verbeteren.
Bij de meeste ziekenhuizen kom je bij
een diëtiste terecht als je een stoma
krijgt, maar je kunt zelf ook een
afspraak maken. Ze zijn werkzaam in het
ziekenhuis, bij de thuiszorg
en in een eigen praktijk.
|