Persoonlijke ervaringen op reis en onderweg - Route 66 op de motor
Persoonlijke verhalen
Inhoudsopgave
Persoonlijke ervaringen op reis en onderweg
Fietstocht naar Santiago de Compostela - Sjef
Kamperen op de Scouting manier, mét een stoma - Ard
Gordelontheffing - Jordy
Verre reis - Steven
(primitief) kamperen - Karlijn
kamperen- Klaas
Verre reis - Lea
Strandvakantie - Fanny
Santiago de Compostela - Wim
Rondreis door Canada - Carina
Route 66 op de motor - Bert
Alle pagina's

 

 

Route 66 op de motor

Bert - 56 jaar - colostoma

 

"Op 5 november 2014 werd bij mij endeldarmkanker geconstateerd. Nadere onderzoeken zouden volgen, waarbij als eerste bloed afgenomen moest worden. Route 66 moest in het Catharina Ziekenhuis worden gevolgd om bij de bloedafname te komen. Een teken: ik heb toen tegen mijn vrouw Yvonne gezegd, dat wanneer ik dit traject met goed gevolg zou doorlopen (lees kanker zou overleven), ik graag de Route 66 in Amerika zou willen rijden op de motor. Mijn bucketlist was geboren.

Het traject van chemo, bestralingen en uiteindelijk de operatie met amputatie van anus en endeldarm en de creatie van mijn stoma op 14 april 2015 was zwaar, maar de moeite waard. Sindsdien ben ik officieel kankervrij, al blijven de regelmatige zenuwslopende controles. 23 november, de dag na mijn 55ste verjaardag, hebben we geboekt om in augustus en september 2016 de Route 66 te gaan rijden.

 

Donderdag 25 augustus 2016

We zijn in het Hotel langs de A4 op 10 minuten van Schiphol, morgenochtend gaat het vliegtuig. Het is bloedheet buiten (31 graden Celsius), in onze kamer draait echter een beschaafde airco waardoor het een graadje of 20 is. Spannend! Hebben we alles bij ons, zullen we geen gelazer krijgen met mijn stomamateriaal wat grotendeels in een van de handbagage koffers zit? Overigens kreeg ik nog een email van Brigitte van het KWF en belde mijn stomaverpleegkundige van het Catharina om mij een geweldige reis toe te wensen!

 

Vrijdag 26 augustus

Met zo onderhand een kubieke meter aan bagage is het wel fijn dat er bagagetrolleys zijn. Eerst vanuit het hotel naar de shuttlebus en dan van de shuttlebus naar de bagageafgifte. Enigszins verlost kan het dan verder langs de security en de paspoortcontrole. De security check viel mee: met mijn strakke shirtje zag men zo dat ik een stoma had, althans een stomazak droeg. De man die de visitatie deed zag het ook en knoopte direct een praatje aan, “dat je zoiets niet voor niets hebt.” “Ja, kanker overleefd en nu dat gaan vieren op de Route 66”, dat noopt uiteraard tot een succeswens.

De vlucht verliep zoals gewenst: gewoon goed, zelfs voor Yvonne, met haar vliegangst. De Boeing 767 gaf geen krimp en bracht ons netjes naar Chicago. En voor het eerst een stomazak geleegd in een vliegtuigtoilet - ik dacht dat ik enkel wat lucht had geproduceerd, een wat voller zakje geeft druk op je buik -, maar dat was dus meer dan alleen lucht. Gelukkig was ik voorzien van een ileozakje, voor de zekerheid, en dat hoeft slechts geleegd te worden. Wel wat krap maar het lukte en dat lucht wel op, ook voor een stomadrager. In Chicago geen problemen met de border control. Snel met de tweede rit van de motelshuttle naar ons adres voor de eerste twee dagen in Les Plains, waar de eerste motoren al stonden te wachten. Daar opfrissen in de kamer, spullen reorganiseren en tenslotte hebben we gezamenlijk gegeten bij Tiffany's tegenover het motel, waarna we bijtijds ons bed zijn ingedoken.

 

Zaterdag 27 augustus

Vanochtend de eerste rit, om wat kennis te maken met de motor. Op naar de lokale Harley Davidson dealer. De Ultra Electra Glide rijdt super, bromt en klapt heerlijk, trilt stationair als een basgitaar, en heeft enorm veel power in dat grote blok van hem. Yvonne is ook helemaal in haar sas in haar zetel achterop en er is voldoende opbergruimte voor een heel gezin. Ik geniet met enorme teugen, en met mij ook de rest van onze groep. Het verkeer valt mee, de wegen zijn wat pokdalig, maar dat is niet zo erg. Vervolgens zijn we naar de Subway gegaan om even te lunchen en terug naar het hotel gereden. Omkleden en met hotelshuttle en metro naar downtown Chicago. Hier hebben we een eind rondgelopen, uiteraard de Navy Pier bezocht en een rondvaart tussen de wolkenkrabbers gemaakt. Een aanrader! De Willis Tower gezien, niet beklommen, te druk... En tenslotte het begin en het eind van de Route66 bezocht. Het eind uiteraard, als je de Route andersom rijdt.

 

 

Zondag 28 augustus

Nu zijn we echt op pad! Chicago hebben we achter ons gelaten en we rijden in formatie richting South-West. De eerste plaats die we bereiken is Joliet, van de gevangenis van de Blues Brothers. Daarna volgt Elwood en onze eerste stop: het eerste Route66 teken bij The White Fence Farm, een vermaard kiprestaurant. De oude weg is duidelijk zichtbaar naast onze rijbaan, maar deels overgroeid en niet in gebruik meer. Bij de Gemini Giant is een foto-moment, waarna er koffie gedronken kan worden bij Nelly's, een echt Route66 memories paleisje in Wilmington. Het is al echt warm en drukkend. Dan verder op de bikes, er wordt door verschillende mensen kleding uitgedaan, wij houden het veilig en koel met koelvesten en doorwaai jacks. En ter bescherming van mijn stoma draag ik tevens een breukband met stomacap, want je weet maar nooit. De volgende stop is midden in een woonwijkje in Gardner waar een oude prison en een restaurantje met beelden van Elvis, Blues Brothers, Betty Boop.

Ik ben al aardig gepekeld van het transpireren. Vervolgens verder naar Dwight om foto's te maken bij een oud pompstation en er tegenover te lunchen in het Old 66 Family Restaurant, ook erg geënt op de memories. Het begon tijdens het eten wat te regenen, dus op pad met regenkleding over de natte motor spijkerbroeken. Nog een tankstop en daarna was het weer droog. Mazzel, maar we houden de regenpakken maar aan. Na nog een fotomoment in Atlanta, rijden we door naar het volgende hotel, inchecken in en uit de regen- en motorpakken... Het was een mooie dag, met weer 273 km gereden, ondanks de regen.

 

Maandag 29 augustus

We hebben een erg authentiek stuk van de Route66 gereden, wat nog geplaveid was met straatklinkers. Veel drinken is het devies het is bloedje heet, 96 graden F, ruim 35 C. Wat een aanslag op mijn concentratie blijkt, ik moet me regelmatig opnieuw focussen. Dan lunch in St. Louis bij de wat louche House of Poison, een ware motorbende-bar. Helaas waren we te laat voor de Mississippi raderboot rondvaart, dus even langs de Gateway Arch, en dan naar het hotel met een indoor zwembad en goede airco op de kamers. Direct douchen, we waren doorweekt van het zweten. Sommigen waagden nog een duik, wij toch maar niet. 's Avonds wat kleins genuttigd in de sports-bar en er weer vroeg in.

 

Dinsdag 30 augustus

Door de natuur en bergen, erg veel over de oude trail van de Route 66, ik heb weer genoten. We begonnen met een ritje de stad uit, met een koffiestop bij een lokale Harley dealer in Villa Ridge. Dan verder naar de beroemde Meramec Mines, waar Jesse James zich nog heeft verstopt. Foto's en een chill-down momentje tijdens een bootvaart over de Meramec River. De lunch was deze keer Amerikaans-Duits, bratwurst with sauerkraut. Vervolgens verder gereisd naar de grote Red Rocker, een enorme schommelstoel, om tenslotte nogmaals te stoppen bij de brug over Devil's Elbow, ook een klassieker van het zuiverste water.

We checken redelijk op tijd in, waarna we even in het zwembad zijn gesprongen om af te koelen, het was weer een graadje of 31 C. Overigens gaat alles naar wens met mijn stoma. Ik eet wat ik wil, maar niet teveel, en de warmte heeft ook geen negatieve invloed. Ja, de zakjes worden bewaard in de gekoelde cabine van de volgwagen en mijn emergency-kit wordt vergezeld van twee koelelementen bewaard in de topkoffer van de motor, zover mogelijk bij de uitlaten vandaan. En we drinken ons ongans, wel een liter of 5 à 6 op een dag, logisch met die hitte.

 

Woensdag 31 augustus

Vanochtend bleek het niet droog te zijn, dus vertrokken we weer in regen-tenue, ondanks de drukkende warmte. We moesten zelfs een stuk over de Interstate, de snelweg, waar je gewoon in de regen ingehaald wordt door denderende enorme vrachtwagens, dus dan maar wat aan de kant rijden... De eerste stop was Gary's Gay Parita, een oud tankstation. Dan naar Red Oak II in Carthage waar een excentrieke verzamelaar en kunstenaar oude panden, die men had willen slopen, uit de oude Route 66 tijd heeft neergezet als een dorpje. Erg leuk. Tevens mag de regenkleding weer uit, lekker! De volgende stop was Galena Kansas, met enkele oude auto's uitgedost a la "Cars" met ogen en tanden. De gelijknamige film zou van de Route 66 afgeleid zijn. Tenslotte zijn we gestopt bij een originele betonnen Route 66 brug, de Brush Creek Rainbow Curve Bridge of Marsh Arch Bridge. We hebben Missouri al achter ons gelaten en moeten nog een klein stukje rijden naar Oklahoma, waar het motel is. En na een verfrissende duik in het zwembad hebben we gezamenlijk gebarbecued.

 

Donderdag 1 september

Weer een mooie dag, en weer een mooie rit van zo'n 357 km door de States. Er was vanochtend een overval op de ontbijtzaal van het motel, waarbij al het eten werd gestolen. Blijkbaar was er nog een beetje voorraad want we hebben wel kunnen eten, al was het enigszins beperkt.

Vanochtend zijn de liefhebbers over een stuk gravel Route 66 gereden - wij en nog enkele anderen overigens niet, we willen de Route graag heelhuids uitrijden - en daarna zijn we naar het Will Rogers museum in Claremore geweest, nationale volksheld in de US, cowboy en artiest voor anderen, zoals wij. Vervolgens zijn we de Blue Whale gaan bekijken in Catoosa, die als icoon langs de Route 66 is gepositioneerd. En dan langs een oude en vervallen drive-in bioscoop, zo jammer dat dergelijk erfgoed niet beter wordt behandeld. Na stops bij Seaba Station, een klein motormuseum in Warwick, het moderne tankstation Pops in Arcadia en de Round Barn (een ronde schuur) in dezelfde plaats moesten we via enkele Interstates naar ons hotel. Net daar kregen we nog een spatje regen, al was het merendeel al gevallen. Het avondeten was in een rustige sportsbar naast het hotel. Daarna heb ik een poging gewaagd om mijn darmen in plaats van ’s ochtends ‘s avonds te spoelen, maar dat mislukt. Dan toch maar in de vroege ochtend zoals we tot nu toe gedaan hadden...

 

Vrijdag 2 september

Ik moet wel zeggen dat het ook wel topsport is als je daarnaast je darmen spoelt en dus vroeg je bed uit moet, en je conditie ook nog niet is zoals die voorheen was... We hebben weer ruim 400 km gereden vandaag, met stops bij het Oklahoma Route66 museum in Clinton, het Devils Rope Barbed Wire museum (prikkeldraad) in McLean, een authentiek pompstation en een tweetal tankstops voordat we in Amarillo aankwamen via een uurtje Interstate. We zouden snel weer moeten aantreden voor de limo's die ons naar het Amarillo Big Texan Steak House zouden brengen. Limo's met grote horens op de motorkap en met chauffeurs met cowboy hoeden en een JR accent. Het blijkt een enorme vreetschuur te zijn; lange tafels, veel eters, bediening in cowboykleren, een bandje dat aan je tafel verzoeknummers speelt voor een dollar (als het maar Country is). Je hebt er zelfs de gelegenheid om een 72 oz steak (anderhalve kilo!) te eten, en als je dat lukt binnen een uur is dat gratis. Uiteraard waren er twee waaghalzen, die de uitdaging aandurfden (niet van onze groep), en als je dan ziet hoeveel steak dat is... Pfft! Wel een leuke ervaring, overigens.

 

Zaterdag 3 september

En weer reden we een prachtige rit, erg lang 596 km, maar mooi! Vanaf het hotel gingen we eerst naar de beroemde Cadillac Ranch. Tevens de camelback water-rugzak maar achterop gedaan, want de warmte is er weer in alle hevigheid. Er moet weer gedronken worden, ook onderweg. Volgende stop is het Midpoint Cafe in Adrian, Texas, het middelpunt van de Route66, de helft van mijn bucketlist is afgewerkt! Erg opvallend is dat na het Midpoint spoorslags het landschap wijzigt. Het wordt plotseling zoals in een echte cowboy film; dor, met veel losstaande bosjes, en met grote rode kliffen. Zo enorm mooi, ik heb even met tranen in mijn ogen gereden, wat een geluk dat ik dit mag meemaken!

We rijden verder naar het westen, naar het Blue Swallow Motel in Tucumcary, een echt motel geheel in de stijl van de jaren ’50. We rijden nu veel interstate, 60 - 75 km/u, maar we zien genoeg. Zo nu en dan tanken, en elk pompstation heeft weer iets eigens. Van een compleet auto- en motor museum (gratis) tot een grote Indianen-kunst shop. Over de snelweg bij Albuquerque, waar iemand die ons passeerde door de State Police werd aangehouden, verder naar onze eindbestemming van de dag. Het laatste stukje (35 miles) binnendoor met nog indrukwekkendere rode kliffen, zo mooi! Bij het hotel, een Comfort Inn, kwamen we de verse groep van de mini-Route66 tegen, die ons genoeg vragen te stellen hadden, want zij beginnen net. Niet vergeten de klok een uurtje terug te zetten in verband met de tijdzone wissel! En 's avonds bij de Asian Buffet gegeten. Daarna direct te bed, en meteen diep in slaap, aldus Yvonne. Ik was echt moe...

 

Zondag 4 september

Oef het is een reis van superlatieven, zoveel moois, ik kijk mijn ogen uit! Vanochtend zijn we weer op tijd op pad gegaan, allereerst naar het Continental Divide punt langs de Route66, vanwaar water of naar de Atlantische of naar de Pacifische Oceaan stroomt. Vervolgens reden we verder naar de Teepee Trading Post op de grens van New Mexico en Arizona, Yvonne koopt er een echte cowboyhoed voor me. Dan rijden we door naar de Painted Desert, een woestijn met daarin het nationale park Petrified Forest. Wat eten en drinken alvorens we het versteende woud inrijden.

Ik voel trouwens mijn stoma wel werken, de temperatuur wanneer we stilstaan zal daar wel mee te maken hebben. Ik heb een grote ileozak bevestigd dus er is ruimte en flexibiliteit. Later in het hotel maar even ingrijpen.

Door gaat de reis naar Winslow, waar uiteraard de hoek van de Eagles wordt aangedaan "Standing on the corner in Winslow, Arizona". De rest van de rit gaat weer grotendeels over de Interstate, waar we het landschap weer zien veranderen naar een bosrijk gebied, en waar we het eerste bord Los Angeles zien. Er staat nog steeds veel wind, maar dat deert ons niet. Williams is nu onze bestemming. Dan naar de kamers, stomazak legen, douchen en eten in een van de restaurants van het stadje, ieder op eigen gelegenheid. En dan rond 9 uur weer ons bed in...

 

 

Maandag 5 september

Vandaag blijven we in Williams, dus geen gezeul met onze bagage. We hebben eerst gezamenlijk ontbijt in een restaurantje in het centrum van dit plaatsje, omdat het motel geen ontbijtservice biedt. Dan vertrekken we naar de Grand Canyon, een van de beoogde hoogtepunten van onze reis, we zijn allemaal benieuwd. We rijden door naar de helikopterluchthaven van Papillon Grand Canyon Helicopters. We checken in, en ieder wordt gewogen voor een uitgebalanceerde vlucht. Op naar de safety briefing met een aardige cabaretier-achtige man (Bill Cosby, zou je zeggen) die het begeleidt. Dan mogen we naar de wachtruimte.

Het wachten duurt niet lang, wij krijgen een reddingsvest aangegespt en gaan naar het platform, waar onze heli al snel aan komt vliegen. De vlucht is zijdezacht, en zo langzaam in vergelijking met een vliegtuig. Rustig glijden we naar de reusachtige kloof, je moet het met eigen ogen gezien hebben. De Colorado Rivier, zon, regen, vorst en wind hebben hier een werkelijk sprookje gecreëerd dat zijn weerga niet kent. Diverse kleuren, diepteverschillen en een enorme weidsheid. Ik ben er stil van, ook dit mag ik nog meemaken. Na de vlucht, als iedereen weer terug met de voeten op aarde staat, blijk ik niet de enige te zijn met dit soort overweldigende gedachten. Het is nu eenmaal een soort wereldwonder van de natuur. We gaan weer verder met de motor het Grand Canyon National Park in, waar we enkele uren de tijd krijgen om rond te kijken. Eerst even lunch bij het Visitor Center, dan op pad naar de verschillende uitkijkposten waar we weer de Canyon kunnen bekijken en vastleggen.

Afgesproken om bijeen te komen op de laatste post, Desert View, van waaruit we dan verder rijden richting Cameron en Flagstaff. Tussendoor nog een trading post van de Navajo indianen aangedaan. Het landschap is nog steeds geweldig mooi. Dan verder, via Flagstaff weer Route66. We stoppen nog bij een oud pompstation en huisjes verhuur waar de beginscène van de memorabele film Easy Rider is opgenomen. Vervolgens rijden we verder, een stuk Interstate 40 met de laagstaande zon recht op ons vizier terug naar het hotel. Yvonne en ik eten simpel deze keer, met een broodje van de versshop van de nabijgelegen supermarkt, om op tijd ons bed in te gaan. Continu topsport kost wel zijn tol moet ik toegeven, al houdt mijn stoma zich uitstekend!

 

Dinsdag 6 september

De route zou vandaag minder lang zijn dus mochten we "uitslapen". Om 9 uur vertrokken we met als eerste stop het plaatsje Ash Fork. Vervolgens op naar Seligman, waar de revival van de Route66 begonnen is, en waar de Main Street, de "strip", grotendeels toegewijd is aan de route. Onderweg zijn we overigens nog even gestopt om een van de originele Route66 bruggen over het spoor te aanschouwen.

We hadden in Seligman de gelegenheid om alles goed in ons op te nemen en wat te nuttigen. De motoren stonden netjes in een rij naast elkaar geparkeerd en waren voor de andere aanwezige toeristen (uiteraard Japanners, met touringcars tegelijk) al een attractie op zich waar ze zich vooral direct naast wilden laten fotograferen. Bij vertrek werd Jan aangehouden door de lokale Marshall omdat hij midden op de weg stil stond, te wachten op het vertrek van de groep. Het leek heel wat, maar de man bleek hem nog te kennen van een eerdere Route66 reis, dus even bijpraten met alle zwaailichten aan, spannend! Geen bekeuring dus. Onze volgende stop was de Grand Canyon Caverns & Inn bij Peach Springs, dan weer snel verder richting de lunch. Vervolgens een stop bij Hackberry General Store, waarna we zijn doorgereden naar Kingman. Waarna we in het hotel nog even lekker het ijskoude zwembad ingegaan zijn. Het avondeten was bij Danny's en vervolgens naar bed, maar niet voordat ik een “zakjeswissel” gedaan had - diarree, was het van het eten? Yvonne had er ook last van.

 

 

Woensdag 7 september

Vandaag is het een echte woestijn-dag. We rijden door de Mohave Woestijn, een dor landschap met Yucca's, wat struikjes en wat palmachtigen. En het is warm, erg warm, wat mijn concentratie echt niet ten goede komt. We stoppen eerst bij een oud herbouwd pompstation Cool Springs, dat een film-historie heeft met Jean-Claude Van Damme. Vervolgens gaat het over een origineel stuk Route66 de bergen in naar Oatman, een oud goudzoekersplaatsje. Wat Amerikaanse haarspelden en de Sitgreaves pas op 1113 meter hoogte. We hebben er rustig gereden zodat Yvonne het nodige kon vastleggen vanaf de duozit. Oatman is leuk, redelijk origineel en cowboy achtig. En er lopen net als op de weg ernaartoe ezels, nazaten van de oude pakezels van de miners.

Dan gaat de tocht verder richting de Hooverdam, ook een nationale bezienswaardigheid die in de Colorado Rivier ligt, ter hoogte van de Black Canyon bij Boulder City. Tijd voor het laatste stuk naar Las Vegas over de interstate. Ik ben moe, je zit op de motor alsof je rijdt in een heteluchtoven en dat is niet prettig. Aangezien we wat te vroeg in Las Vegas aankwamen zijn we eerst in de geairconditionde Harley Davidson dealer gaan rondneuzen. Mooie dingen, goedkoper dan thuis, maar nog steeds duur. Ik ben erg tevreden met mijn Midnight Star.

Tenslotte inchecken in het motel en douchen, erg welkom! Uiteraard hebben hier ook de kamers een grote airco, dus zijn ze koel. Om 18:00 uur zijn we met Justin Las Vegas ingegaan, om The Strip te bekijken. Groot, kitsch, nep, maar wel leuk. We eten in het Rainforest Cafe waar a la de Efteling een compleet regenwoud is nagebootst. Het uitzicht op de strip is mooi. We zien het donkerder en drukker worden. De neonreclames flitsen je rond de oren. Pas na 22:00 uur waren we terug op onze kamer.

 

Donderdag 8 september

Oef, weer een snikhete dag vandaag! We gaan dwars door de Mohave Woestijn terug richting de Route66, die we gisteren voor Las Vegas even verlaten hadden. Het is net na 9 uur, maar de behoefte aan schaduw is al groot met temperaturen boven de 30 graden. Dan gaan we via de Interstate naar onze laatste tankstop van gisteren. De doorwaai jacks en de koelvesten doen goede dienst, terwijl we met 60 tot 80 km/u over de snelweg denderen. Uiteraard met Camelback op de rug om nog wat te kunnen drinken. Na de Interstate rijden we de Route66 weer op en we rijden tevens California in, de laatste US staat die we tijdens onze reis zullen aandoen. Uit de speakers van Jan's Harley klinkt - hoe kan het ook anders - "Hotel California" van de Eagles. Een gedenkwaardig moment, als in een film...

Onze lunchstop is midden in de desert bij een pompstation met shop en zitje. Je vraagt je af hoe mensen van zoiets in de woestijn kunnen leven. We eten een broodje en drinken weer een liter Cola weg. Onderweg rijden we langs een dode vulkaan, de as kleurt nog steeds de woestijn grauw en grijs. We volgen de oude Route langs de nieuwe Interstate en de spoorlijn. Soms claxonneren de vrachtwagenchauffeurs, en soms klinkt de hoorn van de locomotieven als groet naar ons. Uiteraard zwaaien we terug, net als naar collega-bikers op de Route. We stoppen weer bij een oud motel met huisjes en een pompstation. Roy's Motel & Cafe, redelijk verlaten behalve het pompstation, maar een echt jaren '50 icoon dat nog trots zijn uithangbord met neon toont in de zinderende warmte van de zon. Het is 45 graden. Dan rijden we verder, over de Interstate naar de eindbestemming van vandaag. Het is te warm om de Route te blijven volgen. We naderen Barstow snel, het gas staat stevig open wat tenminste voor wat doorwaai zorgt, al is de wind echt niet koel. We hebben het weer gehaald. Nu nog de spullen naar de kamer en dan eerst het zwembad in. 's Avonds hebben we gegeten bij Tony's Steakhouse & Buffet. Vervolgens hebben we de koffers gereorganiseerd en zijn we ons bed ingedoken. Morgen is de laatste dag op de motor...

 

Vrijdag 9 september

Het einde van onze reis komt steeds naderbij en we gaan dat doelwit, de Pier van Santa Monica, vandaag bereiken. We gaan verder door de Mohave Woestijn, nog even langs Elmer's Bottle Tree Ranch in Oro Grande, tot we ineens in weer een andere wereld belanden in de bergen waar langzaam steeds meer vegetatie te vinden is en het droge woestijnachtige verdwijnt. We komen aan in Wrightwood in het Angeles National Forest. Vanaf hier mogen we rustig op eigen gelegenheid 32 miles afleggen door de bossen. Prachtig! Helaas waren hier bosbranden enkele weken geleden, maar ik verwacht dat het hier weer snel wat groener gaat worden. De weg kronkelt omhoog en omlaag door de bergen. We stoppen bij Newcomb's Ranch voor lunch, rijden nog 25 miles op eigen gelegenheid door de prachtige natuur en dan even wat eten en drinken bij een pompstation in La Cañada Flintridge en de laatste briefing voor we doorrijden naar Santa Monica. Dan rijden we verder, de superdrukke en 8 banen brede snelwegen van Los Angeles op. Dicht bij elkaar rijden in baksteen formatie is het devies om elkaar niet kwijt te raken. Uiteindelijk zien we de afslag Santa Monica, de spanning om niet op het laatst nog te crashen schakelt om naar een brok in mijn keel... We rijden nog een stuk door de stad, en dan zie ik in de verte de boog, die de Pier aanduidt.

Daar aangekomen stappen we gezamenlijk af, we vliegen elkaar om de halzen en zijn allemaal geëmotioneerd. We hebben deze monstertocht, die prachtige tocht door de US, helemaal uitgereden. Respect voor allemaal! Uiteraard lopen we met zijn allen de Pier op, waar het "End of Trail" bord staat. Nog even rondkijken, het ontvangen van de Route66 Wing van Jan en dan rijden we weer achter Jan aan naar ons laatste hotel waar we ook de motor zullen achterlaten. We douchen, reorganiseren de bomvolle koffers nog verder en gaan om 19:30 uur gezamenlijk eten bij de lokale buffet chinees. Een waardige afsluiting. Morgen al vroeg naar het vliegveld.

 

Zaterdag 10 en zondag 11 september

De dag mocht weer vroeg beginnen want het eerste busje naar Los Angeles International Airport vertrekt al om 7:00 uur, dus was de wekker gezet om 5:00 uur zodat ik mijn darmen bijtijds gespoeld kon hebben. Ondanks alles eindigt zoiets toch in wat haastwerk want het busje missen is eigenlijk geen optie. De koffers afvullen, letterlijk totdat de ritsen strak staan en dan meteen alles mee naar beneden, naar de lobby, wachten op het busje met een inderhaast uit de ontbijtzaal meegenomen glas sinaasappelsap en een banaan. Maar we waren op tijd en konden mee. De chauffeur laveerde ons snel en behendig door het nu toch echt wel wat rustigere verkeer in die grote stad. We konden mooi nagenoeg recht voor de deur van de Air Canada balies uitstappen, waar het ook nog vrij rustig was. Boardingpassen printen via de terminalpalen, koffers afgeven en dan door naar de security scan. Er werd geen acht geslagen op de inhoud van onze koffers. Ja, ik had al gezegd dat ik een stomadrager ben en had zelfs mijn shirtje al opgelicht, maar ik moest door naar de full body-scan. En ook daar was niets meer te zien, dan iets op mijn buik, wat uiteraard mijn stomazakje was.

Op naar Gate 28, wachten op ons toestel. De vlucht gaat op tijd, hier en daar een beetje met turbulentie, maar hij was wel mooi, over het Amerikaanse woestijngebied waar wij ook voor een deel gereden hebben. Ik had overigens bij de take-off wel even een "hum" momentje met een traan; mijn bucket-list is leeg, mijn item ingelost, en mijn, nee, ons leven moet weer verder. Ik heb het maar even ingetogen voor mezelf gehouden... In Toronto moesten we overstappen voor de vlucht naar Amsterdam. Vooral doorlopen was het devies, want we konden onmiddellijk boarden. Het is al donker wanneer we opstijgen en we zitten niet aan de raamkant. We krijgen wat eten, nog lekker ook, kijken nog een filmpje en proberen dan wat te slapen. Net na 10:00 uur landen we op Schiphol. Na de ID controle en ophalen van de koffers nemen we afscheid van de groep. We lopen langs de douane - niets aan te geven - en komen in de ontvangsthal, waar Jos de oppas met onze hond staat te wachten. We zijn moe en blij. Op naar huis!

 

Nawoord

 Een colostoma, irrigeren, motorrijden, reizen, transatlantisch vliegen, hotels, zwemmen. Bovenstaande heeft met dit alles te maken. Wellicht heb ik het geluk dat ik met alle behandelingen in het ziekenhuis ook al mijn schaamte voor een hoop dingen kwijt ben geraakt. Mijn motto is: ik ben wie ik ben, en zo zal je me moeten accepteren. En ik maak er mooi het beste van, want dat leer je na een ernstige ziekte wel. Gelukkig heb ik weinig problemen gehad met mijn stoma, niet op reis en niet in het begin. Behalve wat huidprobleempjes, maar daar heb ik mijn hulpmiddelen voor. Mijn stomaverpleegkundige had onmiddellijk door dat ik graag actief in het leven sta en adviseerde het irrigeren. Een advies waar ik geheel achter sta, ik had een groot deel van mijn vrijheid terug in ruil voor een uurtje in de ochtend.

Mijn grote liefhebberij motorrijden ging hierdoor ook wat gemakkelijker, met verminderde kans op een vol zakje. Maar wel met een breukband met cap om me niet een breuk te bewegen of te tillen op een onverwacht moment. De band ging dus weer mooi mee. Wat me overigens tijdens de reis wel opviel was dat het spoelen wat lastig kan zijn. Elk hotel had weer een andere kamer inrichting en andere muurbekleding, niet overal een haakje in de muur waardoor spoelen in je eentje met een spoelzak veelal erg lastig zou kunnen zijn. Gelukkig was mijn Yvonne mee, die vaak de zak met de hand omhoog moest houden. Met een elektrische pomp zou het wat gemakkelijker zijn gegaan, al is dat als bagage item weer wat lastiger. En... aangezien het een groepsreis was moest ik vaak erg vroeg op om mijn uurtje spoelen op tijd te kunnen afronden. Tsja, dan maar op tijd naar bed hè. Voldoende spullen mee, en in de handbagage, spreekt voor zich. De checks op de luchthavens zijn niet lastig, als je tenminste zelf dat ook niet bent."

 

<- Terug naar op reis en onderweg

 

 



Laatst aangepast op donderdag 08 maart 2018 21:29
 
Terug naar boven

twitter

Linkedinfacebook

Youtubeemail