Op onze teksten rust Copyright!! Lees onze disclaimer onderaan de website voor meer informatie.

jubileum logo stomaatje alles over stomas

    Vraag het ChatGPT 

StomaSupport

Wakker worden na een stomaoperatie is voor veel mensen een bijzonder en spannend moment. Je kunt te maken krijgen met een opgezwollen stoma, een grote opvangzak, een infuus of andere hulpmiddelen die nodig zijn voor je herstel. Op deze pagina lees je wat je kunt verwachten in de eerste uren en dagen na de operatie en delen stomadragers hun ervaringen.



Uitslaapkamer

Na de operatie word je naar de uitslaapkamer of verkoeverkamer (recovery) gebracht. Dit is een aparte ruimte vlakbij de operatiekamer. Hier wordt goed gekeken naar de pijnbestrijding en worden je bloeddruk, ademhaling en allerlei andere functies goed in de gaten gehouden. Als de verpleging van jouw afdeling hoort dat je op de uitslaapkamer bent aangekomen, zoeken ze contact met een persoon die dicht bij je staat, zodat die weet dat de operatie achter de rug is en eventueel op de kamer op je kan wachten.

Door de nawerking van de narcose kun je je nog een tijd slaperig voelen, waardoor het mogelijk is dat veel van de periode in de uitslaapkamer aan je voorbij gaat.

 

Terug op zaal (of MC/IC)

Afhankelijk van hoe snel je bijkomt en wanneer je toestand zich stabiliseert, word je teruggebracht naar de afdeling. De meeste mensen kunnen binnen ongeveer twee uur de uitslaapkamer weer verlaten. In sommige gevallen ga je eerst naar de medium care (MC) of intensive care (IC). Vaak wordt dit voor de operatie al besproken, uitzonderingen natuurlijk daargelaten.

In veel ziekenhuizen wordt tegenwoordig gewerkt volgens een ERAS‑ of “snel herstel”-beleid. Daarbij wordt onder andere gestreefd naar goede pijnbestrijding, een zo optimaal mogelijke vochtbalans, vroeg mobiliseren en – als het kan – snel weer wat drinken en eten, omdat dit herstel en darmwerking bevordert 

 

Wat kun je verwachten tijdens het wakker worden?

Ten eerste heb je meteen al een stomazakje op je buik, alhoewel, eerder een “zak”. Vaak is het een hele grote doorzichtige PostOp-zak (Post-Operatief), zodat de artsen en (stoma)verpleegkundigen je stoma en de output (de hoeveelheid ontlasting of urine die er uit je stoma komt) goed in de gaten kunnen houden.

De eerste productie uit de stoma kan per persoon sterk verschillen. Bij een ileostoma komt de darmwerking meestal eerder op gang dan bij een colostoma; soms al binnen een dag, maar het kan ook wat langer duren. In het begin kan de output waterig, slijmerig of met wat bloed erbij zijn; dat hoort vaak bij de genezingsfase van de darm.

 

Opgezwollen stoma en kleur

De darm zit aan de huid vastgehecht; uiteindelijk groeit je stoma aan de huid vast. Schrik niet van de grootte van je net aangelegde stoma, hij zal in het begin nog wat gezwollen zijn door vocht en druk op de weefsels (oedeem/oedemateus). In de weken na de operatie neemt de zwelling geleidelijk af. Vaak heeft een stoma na ongeveer 6–8 weken in principe zijn definitieve vorm en grootte, al kan dit per persoon verschillen.

Een gezond stoma is rood/roze en vochtig, een beetje zoals de binnenkant van je wang. Als een stoma plotseling erg bleek, donkerpaars of zwart wordt, of heel pijnlijk en droog, is dat een alarmsignaal en moet je het direct melden bij arts of verpleegkundigen. Linksonder een (dubbelloops) stoma net na de operatie en rechts hetzelfde stoma zo’n 3 maanden later.

 

Klassiek versus laparoscopisch

Je kunt op verschillende manieren worden geopereerd: laparoscopisch door middel van een paar kleine sneetjes (kijkoperatie), (Foto’s, met dank aan Wieke en Wendy.)



of via de klassieke “open” operatie met één grotere snede. Dit hangt af van de situatie in je buik en de soort operatie.

De wond kan op verschillende manieren worden gehecht, zoals onderhuidse of oplosbare hechtingen, nietjes (agraffen) of krammen. Op de foto hieronder zie je links nietjes (met dank aan Miranda) en rechts een wond die onderhuids is gehecht.



Infuus en vochtbalans

Het infuus in je hand of arm is erg belangrijk. Ten eerste krijg je door dat infuus de dagen na de operatie een water/zoutoplossing. Het zout- en mineraalgehalte in deze oplossing is afgestemd op onze lichaamscellen, waardoor snel de watervoorraad in het lichaam aangevuld kan worden. Soms geven ze je in plaats van een water/zout‑infuus een suiker/water‑infuus.

Zeker bij een (nieuwe) ileostoma is het extra belangrijk om de vochtbalans goed in de gaten te houden, omdat je via een ileostoma meer en vloeibaardere ontlasting kunt verliezen, en daardoor sneller uitgedroogd kunt raken. Daarom wordt er vaak goed gelet op hoeveel vocht je binnenkrijgt en hoeveel je via stoma en urine weer kwijtraakt.

 

Misselijkheid en kauwgom

Als je last hebt van misselijkheid, kunnen ze hier medicatie tegen in je infuus geven. Een verrassende maar simpele tip: kauwgom kauwen. Door het kauwen stimuleer je de speekselproductie, wat je spijsvertering kan helpen op gang te komen. In verschillende onderzoeken is gezien dat winden en ontlasting soms eerder op gang komen en de kans op een postoperatieve ileus (een tijdelijke stilstand van de darmen) wat kan afnemen, maar het is geen garantie en geen wondermiddel. Lees hier de tips bij misselijkheid en buikkrampen.

Een stomadrager op onze Facebookpagina:
"Mijn darmwerking kwam slecht op gang na een totale rectumamputatie. Ik was misselijk en had buikpijn. Ik kreeg toen kauwgom en het werkte inderdaad!!"

 

Pijnmedicatie

Tegen de pijn kan er pijnstillende medicatie in je infuus worden gespoten (indien je geen ruggenprik hebt). Het kan ook zijn dat je een pijnpomp hebt gekregen die je zelf kunt bedienen. Dit is pijnmedicatie via een PCA‑pomp (Patient‑Controlled Analgesia). In dat geval moet je, als je pijn hebt, op de knop van de pijnpomp drukken, waarbij er een kleine dosis morfine in je bloed terechtkomt. De pomp is beveiligd met een slotje (maximale dosering per uur) zodat je jezelf geen overdosis kunt geven.

Houd er wel rekening mee dat morfine de darmwerking kan vertragen, waardoor ontlasting en winden soms later op gang komen, maar goede pijnstilling blijft belangrijk voor je herstel. Bij erge pijn kan er ook een injectie intramusculair (in de spier) worden gegeven. Dit is even onprettig, maar helpt meestal snel tegen de pijn.

 

Pijn op schaal en goede pijnbestrijding

Pijn wordt veroorzaakt doordat cellen in het beschadigde weefsel stoffen aanmaken die de zenuwuiteinden (pijnreceptoren/nociceptoren) prikkelen. Door deze prikkels ontstaat een elektrisch signaal dat via de zenuwen en het ruggenmerg naar onze hersenen wordt gestuurd en wordt vertaald naar pijn.

De verpleegkundige komt regelmatig langs om te vragen hoe hoog de pijn is (pijnmeting). Dit kun je dan aangeven op een schaal van 0 (laag) tot 10 (hoog). In de praktijk wordt vaak gesproken over een pijnscore of VAS/NRS‑score. Wees eerlijk, want de pijn kan op verschillende manieren worden bestreden, vaak met een combinatie aan middelen.

In het verleden was het de gewoonte om alleen de pijn te stillen als het ondraaglijk werd. Inmiddels weten we uit onderzoek dat het beter is om bij flinke pijn een tijd lang continu pijnstillers te gebruiken om te voorkomen dat de pijn oploopt en je daardoor minder goed kunt bewegen en ademen. Een goede pijnbestrijding leidt vaak tot een sneller herstel. Meestal is de pijn direct na de operatie het hevigst en neemt die geleidelijk af. Het streven van artsen en verpleegkundigen is vaak dat je 72 uur na de operatie een pijncijfer hebt van minder dan 4. Pijn blijft wel een persoonlijke ervaring; de pijndrempel verschilt per persoon.

 

Zuurstof en maagsonde

Naast je infuus of de pijnpomp kan er, als je wakker wordt, een slangetje in je neus zitten voor extra zuurstof. Ook kun je wakker worden met een slangetje dat via de neus en de slokdarm naar de maag gaat (maagsonde). De maagsonde zorgt ervoor dat de maagsappen via het slangetje naar een opvangzak kunnen lopen. Vooral in het begin kan dit prettig zijn omdat de darmen dan nog stil liggen en je anders kans hebt om te moeten overgeven.


Het is even wennen, zo’n slangetje van neus naar maag, en soms ook onprettig, maar gelukkig mag de maagsonde doorgaans snel weer worden verwijderd. Wanneer er na een tijdje afklemmen nog maar weinig vocht uitkomt, kan deze eruit gehaald worden. Bij de meeste ongecompliceerde darmoperaties wordt tegenwoordig geen maagsonde meer standaard langdurig gebruikt, en als er wel een is ingebracht, wordt die meestal snel weer verwijderd omdat routinematig gebruik juist kan zorgen voor meer klachten en geen sneller herstel geeft.

Soms, bij een forse ondervoeding of wanneer patiënten moeilijk zelf kunnen eten, wordt via een klein slangetje door je neus sondevoeding gegeven. In specifieke situaties wordt er Totale Parenterale Voeding (TPV) aangelegd. Dit is voeding die via een infuus en een dun slangetje (katheter) direct in de bloedbaan wordt toegediend. Het slaat de maag en darmen dus over.

               

 

Blaaskatheter

Als er een darmstoma bij je is aangelegd, kun je wakker worden met een blaaskatheter (verblijfskatheter). Dit is een soepel buisje dat langs de natuurlijke urineweg tot in de blaas wordt geschoven. De urine kan zo vanzelf weglopen en wordt opgevangen in een zak die aan je bed hangt. Als gevolg van de narcose kan het namelijk nogal eens zijn dat je een korte tijd niet uit jezelf kunt plassen. Ook kunnen ze zo je vochthuishouding na de operatie goed in de gaten houden en hoef je niet meteen op een koude bedpan of po te gaan zitten.

Veel mensen voelen de katheter maar weinig of alleen als een wat vreemd of licht ongemakkelijk gevoel, maar bij anderen kan het gevoel duidelijker aanwezig zijn. Bij sommige kleinere operaties kan de katheter al kort na de operatie worden verwijderd en bij de wat grotere operaties meestal na een paar dagen.

 

Vroeg mobiliseren, trombose en andere “toeters en bellen”

Op de operatiedag zelf en de eerste dagen erna worden regelmatig al je lichamelijke functies gecontroleerd (“controles” door de verpleging): je temperatuur, hartslag, bloeddruk en zuurstof in het bloed. Zodra het beter met je gaat, wordt dit langzaam minder.

In het kader van snel herstel word je vaak al vrij snel geholpen om even rechtop te zitten of zelfs kort uit bed te komen. Vroeg mobiliseren helpt tegen trombose, longcomplicaties en bevordert ook het op gang komen van de darmen. Veel mensen krijgen daarnaast antistollingsinjecties (bijvoorbeeld fraxiparine) en soms steunkousen om het risico op trombose te verkleinen.

Je kunt bijvoorbeeld ook een slang (drain) in de buikwand hebben die zorgt voor het aflopen van wondvocht en bloed. Bespreek altijd met je arts of verpleegkundige welke slangen en lijnen je precies hebt en waarom; op deze website staan slechts voorbeelden.



Tot slot

Zoals we al eerder beschreven, ligt het helemaal aan de soort operatie, het ziekenhuis, je conditie en je medische situatie met welke “toeters en bellen” je wakker wordt. Bespreek dit dus vooraf en achteraf met je arts, zodat je weet wat er ongeveer te verwachten is.

 

Lees de ervaringsverhalen van anderen met een operatie en de blog van Eliene die muziek mocht luisteren voor, tijdens en na de operatie, wat erg goed beviel.

 

 

×